Wieke wil in haar geld zwemmen

 

Vroeger hè? Ja ja, daar ben ik weer met mijn ‘vroeger’. Maar het bept zo lekker weg, dat emmeren over mijn verleden, uiteraard met een verbinding naar het heden.

 

Vroeger dus, toen ik elke week een dubbeltje zakgeld kreeg, stopte ik ze in een leeg sigarettenblikje. Ik moet een jaar of zeven zijn geweest, want ik kon al lezen. Sinds 1954 lees ik al Donald Duck. Vooral de vrek Dagobert fascineerde me. Hoe hij met tranen in zijn ogen ‘o mijn lieve geldje’ kon snikken als de Zware Jongens hem hadden bedrogen. Hij had een duikplank in zijn geldpakhuis, zodat hij in zijn geld kon zwemmen. En dát vond ik als zevenjarige een mooi doel in mijn leven: alles oppotten, zodat ik óók ooit in mijn geld zou kunnen zwemmen. Ik vroeg tien centen aan mijn vader in plaats van een dubbeltje, anders schoot het niet op. Toen we in onze buurt een supermarkt kregen, waar je voor vijf cent een stukje zoethout kon krijgen, werd het niks meer met dat zwemmen in mijn geld.
 
Ik denk aan mijn sigarettenblikje terug als ik al mijn kleingeld op tafel stort. Al jaren stop ik munten die mijn portemonnee onnodig verzwaren in een Britse telefooncel. Zie foto. Dat was nog van voordat de Britten van ons af wilden. Als de telefooncel vol was, leegde ik hem in een grote Tupperware-doos. Toen mijn jongste zoon nog thuis woonde, was mijn telefooncel soms verdacht veel lichter dan de week ervoor. Dan was hij uit geweest. Ook een mooi doel, toch? En dan kostte het niks, want dat geld was ik voor mijn gevoel toch al kwijt aan die telefooncel.

 

 

Onze buurtsuper wil graag dat kleine geld hebben en ik krijg zakjes mee, die ik kan vullen met de voorgesorteerde munten. Wat een berg! Man telt en sorteert ook mee en al tellend, terwijl wij vaak ‘stil, anders moet ik opnieuw tellen’ roepen, bedenken wij wat we met dit geld gaan doen, als het is ingewisseld tegen een vette stapel bankbiljetten. Twee retourtjes Parijs met de TGV, mijmeren wij. Of een drone kopen. Dan tellen we de boel bij elkaar op: € 160,-. Wat een gigantische tegenvaller na wel twaalf jaar. Wat ik ermee heb gedaan? Man getrakteerd op een etentje bij de Griek en voor mezelf sneakers met luipaardprint besteld. Dat het potdorie 63 jaar heeft moeten duren voordat ik afstand kon doen van het droombeeld om van ‘de hoge’ te springen in mijn lieve geldje. Dat ik dan in een berg ijzer was gevallen, met gebroken botten en nog meer ellende, besef ik nu pas. Phiew, wat heb ik mezelf behoed voor iets levensgevaarlijks. Kleingeld? Lekker laten rollen.

 

Door: Wieke Biesheuvel

Wieke Biesheuvel werkte en woonde zes jaar in Zambia, is nu voorgoed terug en probeert het Nederlandse leven weer onder de knie te krijgen. Waarbij ze beurtelings verbaasd, boos, dolgelukkig, verward of blij is.

Afbeelding van Wieke Biesheuvel