Waarom gas eigenlijk zo vies ruikt (en waarom dat maar goed is ook)
Weet je nog dat je als kind bij je oma op bezoek ging en dat er dan van alles tegelijk op het gasfornuis stond te pruttelen? Stamppot op het achterste pitje, suddervlees linksvoor en ergens rechts lag een vlammetje onder de fluitketel. En dan opeens… snif snif bah… rook je het. Gas. Zo’n vieze, doordringende lucht waar je meteen van dacht: oeps, even opletten staat alles nog wel aan?
Maar wist je dat gas van zichzelf helemaal nergens naar ruikt? Echt waar, dat had je niet verwacht hè? Dat vieze luchtje waar wij allemaal meteen van op scherp staan, is er bewust aan toegevoegd en wel met een hele goede reden.
De geschiedenis van geurstoffen in gas
Vroeger… En dan bedoel ik echt vroeger, de tijd van de steenkoolgas en stadsgas, kwam gas gewoon zonder waarschuwing je huis binnen. Niemand rook iets. En dat was niet zonder risico. Want als je pannetje aardappelen overkookte en het gasvlammetje per ongeluk uitging, dan bleef dat gas gewoon je keuken in stromen. Niemand die het in de gaten had… totdat het te laat was.
Toen we in 1965 – 1970 overgingen op aardgas, kwam gelukkig het besef: dit moet anders. Er moet een geur aan zodat mensen het meteen ruiken als er iets niet pluis is. En zo werd tetrahydrothiofeen geïntroduceerd (ja, probeer dat maar eens snel uit te spreken). Dat is een stofje met een extreem vieze geur dat een beetje doet denken aan rotte eieren of natte hond in de kelder. Niet lekker, wel effectief.
De Tweede Wereldoorlog slachtoffers van gaskamers
Die (niet)geur is overigens ook precies de reden dat in de Tweede Wereldoorlog slachtoffers van gaskamers niets vermoedend binnenliepen. Zij roken niks… Zyklon B, het gas dat de nazi’s gebruikte in de Holocaust, bevatte oorspronkelijk ook een geurstof om je te waarschuwen. Echter, op bevel van de nazi’s werd deze geurstof verwijderd, waardoor het gas voor deze verschrikkelijke gebeurtenis gebruikt kon worden.
En daar zit meteen het afschuwelijkste deel van dit stukje geschiedenis: omdat het geurloos was, dachten mensen dat het ‘gewoon’ weer een volgende stap in het kamp was wat ze moesten uitvoeren. Het klinkt gruwelijk, en dat is het ook.
Juist daarom is het zo belangrijk dat gas tegenwoordig wél een geur heeft. Ruiken = reageren. Zet een raam open, draai het gas dicht, bel iemand. Dat vieze luchtje is eigenlijk je beste vriend.
Even checken: ruik jij gas?
Ruik je thuis een vreemd luchtje bij het fornuis? Check dan even of je pitjes wel goed branden. Soms staat er eentje nét niet goed aan, waardoor er gas ontsnapt zonder dat je het doorhebt. Ook bij een ouderwets gaskacheltje of geiser kan het geen kwaad om af en toe je neus te gebruiken. Of om gewoon even een technicus te laten kijken. Beter een keer te vaak, dan één keer te weinig.
Hier zijn 5 dingen die je absoluut niet moet doen als je gas ruikt
1. Niet roken of vuur maken
Zelfs één vlammetje kan al genoeg zijn voor een explosie.
2. Geen lichtknopjes gebruiken
Schakelaars kunnen vonken geven. Laat alles zoals het is.
3. Geen telefoon gebruiken in huis
Bel pas als je buiten bent – ook je mobiel kan gevaarlijk zijn.
4. Blijf kalm en ventileer
Zet ramen en deuren open, maar doe het rustig en zonder paniek.
5. Ga niet zelf sleutelen
Laat het gaslek aan de experts over. Echt.







