songfestivalfeest
songfestivalfeest

We wachtten op een wonder

 

Niet alleen zijn hart was slecht, alles was slecht. Opereren kon niet.

 

Achtenzeventig was mijn vader toen hij in het ziekenhuis belandde. Een hartinfarct. Tijdens een lunch met vrienden was hij in elkaar gezakt, de barman had ‘m gereanimeerd, en nu werd hij op de intensive care kunstmatig in coma gehouden. M’n moeder, broer, zus en ik, we waren in shock. Achtenzeventig is een respectabele leeftijd, ik weet het, maar hij was nog zo actief, hij genoot nog zo van het leven, en zijn moeder was bijna 103 geworden, dus wij waren er altijd van uit gegaan dat ‘ie nog jaren mee zou gaan. En we konden ‘m nog lang niet missen…

 

“We hebben een wonder nodig,” zei de cardioloog. Niet alleen zijn hart was slecht, alles was slecht. Opereren kon niet. Alles wat ze hem gaven om het hart aan de gang te houden, was als vergif voor zijn nieren, die ook slecht waren. Onherkenbaar opgezwollen door het vocht dat door zijn lichaam werd gepompt, en bont en blauw door de reanimatie en de prikken lag mijn vader daar. Door de kunstmatige coma voelde zijn huid koud aan.

 

Maar hij was niet dood

 

“Zijn organen redden het niet. We gaan hem eerder uit de coma halen.” Dat was geen goed nieuws. Uit coma halen betekende eigenlijk opwarmen tot normale temperatuur en afwachten wat er gebeurt. Of hij wakker zou worden, was nog maar de vraag. En hoe hij er vervolgens aan toe zou zijn al helemaal. Hoe lang hadden zijn hersenen geen zuurstof gehad? “U moet zich voorbereiden op het ergste.”

 

Twee dagen later zat hij alweer rechtop in zijn bed. Hij kon nog niet veel, maar het was duidelijk dat hij wist wie we waren. Zijn lichaam was er slecht aan toe, maar hij leefde en hij herkende ons! Met zijn snelle handelen had de barman niet alleen mijn vaders leven gered, maar ook zijn hersenen behoed voor zuurstoftekort. “Wat ik gezien heb, is een klein mirakel,” zei de cardioloog.

 

We hadden een wonder nodig, en dat hebben we gekregen. Zo fijn dat je er nog bent, pap!

 

Lees morgen het vervolg

 

 

Door Karlijn van Delft