5 beroepen waar het echt te warm voor is

Oe, ik ben nu niet bepaald jaloers op verhuizers …

 

Altijd als het maar een beetje warm is, denk ik vol bewondering (en een tikkie afgrijzen) aan koks in zo’n kleine, oververhitte, aircoloze keuken. Die samen achter de kachel – zo heet dat in hun jargon – in hun witte (dat dan wel) koksjas staan te wokken en te bakken. Die moeten zelf dan toch ook well done van hun werk komen?
Lijkt mij dat er momenteel meer van dat soort beroepen zijn voor wie we een regendansje moeten doen, of die we van harte een koufront wensen. En dat doe ik dan meteen even voor mezelf. En m’n ontplofte hoofd.

 

1. Met stip op nummer 1: vuilnismannen

Achter de wagen, in de volle zon, zakken moeten sjouwen? Dat valt in de categorie Heel Zwaar Werk. Helemaal met die verplichte handschoenen (!) aan. En over de smog, de stank die van de zakken dampt, of levende wormen druipend aan zo’n zak, heb ik het niet eens.

 

2. Verkeersregelaars

Op zacht geworden asfalt in de windstilte en brandende zon, met zo’n fluoriscerend pak aan mét lange pijpen en mouwen, en dan oververhitte foutrijders de weg wijzen. Deze coole dudes kunnen wel wat support gebruiken. Of een flesje water. (En dan niet naar ze smijten, maar aardig aangeven, hè?)

 

3. Asfaltleggers, straatbeklinkeraars en hun kornuiten

Eigenlijk iedereen die nog geen bouwvak heeft en in de zon zwaar fysiek werk doet, heeft het nu pittig. Maar zeker de mensen die op hun knieën werken en hun hoofd – inclusief dat zakkende bloed – naar beneden buigen … We zouden hun eigenlijk even een aai over de zwetende bol moeten geven. Of een ijsje.

 

4. Toch even een apart kopje voor verhuizers.

Je snapt natuurlijk wel waarom. Met je drie hoog achter. En je Friese staartklok.

 

 

 

5. Tomaten- en paprikakwekers

Ooit in een kas geweest als de zon schijnt? Nou, ik wel. En ik kan je verklappen: het is er verzengend ~W~A~R~M~. Ik weet niet of een beetje aircokou die groenten nog goed laat groeien (even tussendoor: zouden tomaten en paprika’s ook een bepaalde afmeting moeten hebben, net als pruimen die minimaal 38 mm moeten zijn voordat ze mogen worden verkocht, maar wel dat je een appelflauwte krijgt als je ook maar één keer moet bukken om zo’n steeltje te plukken.

 

Voor jullie allemaal dus: petje af! (Da’s meteen lekker koel!)

 

PS. Er zijn natuurlijk ook mensen die het iets minder zwaar te verduren hebben. Zoals badmeesters, ijscomannen en ik. Al moet ik nu wel voor de achtste keer die ijsklontjes in mijn voetenteil aanvullen. Ook zwaar, hoor.

 

Met koude groet!

 

 

Door: Beatrijs Bonarius

 

Beatrijs Bonarius is tekstschrijver & eindredacteur. Een mediavreter, zoals ze zelf zegt. Met een vrolijke, scherpe blik – en dito toetsenbord – kijkt ze voor Franska naar de actualiteit.