Moet ik de zorg voor mijn broer overnemen?

 

Leonoor is een brusje: het zusje van een broer met een beperking. Hoewel er heel veel aandacht is voor mensen met een beperking en de zorg die ouders voor deze kinderen hebben, voelt ze zich vaak een vergeten groep.

 

‘Terwijl wij degene zijn die de zware zorg voor deze broers en zussen op onze schouders voelen als onze vaders en moeders de zorg niet meer aankunnen of zijn overleden. Ik houd onvoorwaardelijk van mijn broer, maar het idee dat ik straks misschien de zorg en de verantwoordelijkheid voor mijn broer op me moet nemen vind ik wel heel lastig.
 
Inmiddels heb ik mijn eigen leven met een gezin en een fijne baan. Niemand hoeft me te vertellen wat me te wachten staat, want dat weet ik precies. Tenslotte ben ik met hem opgegroeid. Van kleins af aan is het al mijn tweede natuur om te kijken of het goed met hem gaat. Of hij het naar zijn zin heeft en of het voor mijn ouders niet te veel wordt. Daardoor heb ik geleerd om mezelf altijd op de tweede plaats te zetten.
 
Ik was de clown in huis en was dus altijd vrolijk. Deed goed mijn best op school zodat mijn ouders zich over mij in ieder geval geen zorgen hoefden te maken. Maar dat was niet altijd even makkelijk. Het voelt soms of ik daarom een deel van mijn jeugd heb overgeslagen.
 
Nooit gooide ik mijn kont tegen de krib. Ik haalde het echt niet in mijn hoofd om een moeilijke puber te zijn. Want ze hadden het soms al moeilijk genoeg met mijn broer. Dat heb ik mijn ouders nooit kwalijk genomen. Het was nu eenmaal zo.
 
Soms wilde ik wel dat mijn broer wel normaal was. Zodat ik me minder om hem hoefde te bekommeren. En dat ik niet altijd met hem rekening hoefde te houden. Want door zijn beperking ging vaak alle aandacht naar hem. Mijn ouders probeerden echt wel om mij ook onverdeelde aandacht te geven. Zo ging ik wel eens samen met mijn vader of mijn moeder een weekendje weg of een avond naar de bios.

 

 

Sinds ik niet meer thuis woon ben ik minder betrokken bij de zorg rond mijn broer. Natuurlijk bezoek ik hem regelmatig en gaan we er vaak een dagje op uit. Want vanwege zijn beperking vindt hij het lastig om vrienden te maken en leunt hij erg op mijn ouders en op mij. Maar nu mijn ouders ouder zijn en meer moeite krijgen met de zorg voor mijn broer, zal ik wel meer moeten gaan doen.
 
Inmiddels ga ik mee naar alle besprekingen en krijg ik ook alle correspondentie die over mijn broer gaat. Ook bij incidenten en medicatie ben ik betrokken, zodat ik altijd op de hoogte ben van wat er speelt en ik waar nodig kan ingrijpen. 
 
Nu mijn ouders op een leeftijd zijn gekomen en de zorg voor hen te zwaar wordt, betekent het dat ik straks die verantwoordelijkheid over moet nemen. Omdat er geen andere brussen zijn om die zorg te delen, moet ik dat alleen doen. Dat hangt als een grote donkere wolk boven mijn hoofd. Eigenlijk wil ik het niet, maar ik ben bang dat ik geen keuze heb.’

 

 

 

Leonoor’s naam is vanwege privacy gefingeerd.
Haar echte naam is bekend bij de redactie.

 

 

Door: Leonoor