‘Ik heb de stempas van mijn dochter vervalst’

 

Omdat het gezin van Claudia door de complottheorieën van haar dochter uit elkaar valt, neemt ze een drastisch besluit.

 

 

‘Als ik mijn handen sta te wassen hoor ik mijn telefoon trillen op het aanrecht. Ik zie een berichtje oplichten. Snel droog ik mijn handen en kijk van wie het is. Ik zie de foto van Stella, mijn dochter, en lees haar vraag of het nog gelukt is met stemmen. Ja hoor, app ik terug, precies zoals je het me gevraagd had. Ik plak er nog een lachgezichtje achter voor ik op de verzendknop druk.

 

Hoewel ik Stella enorm mis sinds ze aan de andere kant van het land haar opleiding volgt, ben ik er niet zo rouwig om dat ze niet meer hier woont. De afgelopen drie jaar waren erg lastig vanwege haar gedrag, dat begon toen ze een vriend kreeg die er nogal extreme ideeën op na hield en haar daarmee besmette. Want zo voelt het. Hij heeft mijn dochter zo beïnvloed met allerlei idiote complottheorieën dat er op een gegeven moment geen normaal gesprek met haar meer mogelijk was. Mijn man en ik zijn behoorlijk ruimdenkend, maar toen ze beweerde dat de regering vol zat met een kwaadaardige elite (en zo had ze nog wel een aantal bizarre beweringen) waren we verbijsterd. We konden er ook niets tegen inbrengen zei ze, want altijd had ze zogenaamd bewijs met foto’s, filmpjes of plaatjes die ze van internet haalde. 

 

Het zorgde de afgelopen jaren voor heel veel ruzie hier in huis. Haar broer, met wie ze altijd een goede band had, probeerde wel tussen Stella en ons te bemiddelen, maar ook hij had er op een gegeven moment geen zin meer in om naar haar te luisteren. ‘Ze is compleet de weg kwijt’, zei hij laatst. En dat doet ons heel veel verdriet. 

 

Al een tijdje woont Stella op kamers in een andere stad en komt daarom niet zo vaak thuis. Haar stempas was hier bij ons bezorgd en omdat ze vergeten was om hem mee te nemen vroeg ze of ik dan in haar plaats wilde gaan. Ze zou me ook de naam van de kandidaat van haar voorkeur appen. ‘Je hoeft alleen maar even mijn handtekening op dat ding te zetten, mam. Dat is hartstikke makkelijk. Kijk maar in mijn paspoort, je kunt hem zo overnemen.’ Eigenlijk had ik toen al moeten zeggen dat ik haar niet kon helpen, want dat zou al betekenen dat ik valsheid in geschrifte zou plegen en dat is strafbaar. Maar omdat Stella zo aandrong heb ik me toch over laten halen. 

 

Vlak voor ik naar het stembureau ging plaatste ik met trillende vingers haar handtekening in het daarvoor bestemde vakje. Zo simpel was het dus om de boel te belazeren, dacht ik nog. Op het stembureau wachtte ik zenuwachtig op mijn beurt. Ik kwam allemaal oude bekenden tegen van de vroegere lagere school waar onze kinderen op hadden gezeten. De meeste kwamen samen met hun zoon of dochter die ik in jaren niet gezien had. Allemaal jonge mensen zoals Stella, met hun eigen ideeën en idealen. Maar lang niet zo extreem als die van haar, dacht ik verdrietig.

 

Toen ik eindelijk aan de beurt was en ik zei dat ik op verzoek van mijn dochter in haar plaats zou stemmen werd de stempas en haar paspoort zorgvuldig bekekenen. Het zweet brak me uit, want het zou toch wel een enorme afgang zijn als hier tussen al die mensen ontdekt zou worden dat het allemaal niet klopte. Ik was dan ook heel erg opgelucht toen ik twee stembiljetten en een rood potlood in mijn handen gedrukt kreeg. Eenmaal in het hokje vouwde ik het papier open en zocht naar de partij van Stella’s keuze. Toen ik de naam van de persoon zag waar ik van Stella op moest stemmen kreeg ik opeens zo genoeg van alle discussie en ruzies die ik met haar de afgelopen jaren heb gehad. Van hoe mijn gezin onder haar idiote ideeën heeft geleden en we niets meer met elkaar samen kunnen doen zonder dat er een schaduw over ligt. Verbeten keek ik naar de andere lijsten en zocht naar een partij die precies het tegengeluid laat horen van wat Stella gelooft. Snel kleurde ik het bovenste vakje op de lijst rood. Nu kon ik niet meer terug. Snel vulde ik mijn eigen biljet in, stopte de twee formulieren in de daarvoor bestemde bus en liep weer naar buiten. 

 

Misschien is het een druppel op een gloeiende plaat, maar ik ben blij dat ik het zo gedaan heb. Met Stella kan ik niet meer praten want de manier waarop wij allebei naar de wereld kijken ligt inmiddels zo ver uit elkaar dat ik haar niet meer op andere gedachten kan brengen. En als ik dan op deze manier een beetje invloed op haar bizarre denkbeelden kan hebben, dan moet het maar. In de hoop dat ze ooit bij zinnen komt en begrijpt waarom ik het zo gedaan heb.’