En dat noemen ze dus vakantie

 

Vroeg uit de veren en wandelen geblazen, met m’n zelfverklaarde personal trainer Paola. ‘Om deze tijd is het gewoon nog lekker fris, Franska.’ Dus… tja…

Paola (de dochter van onze Italiaanse huisbaas) heeft ons volgens mij altijd nogal ‘apart’ gevonden omdat we zulke einden wandelen. ‘Als het toch met de auto kan…’ Plotseling is ze op de gezonde toer en dus ook aan de wandel gegaan. Die gezonde toer was bij mij nooit de aanleiding. Ik ben Toscane gewoon nog veel mooier gaan vinden sinds ik er doorheen loop, dus ik blijf lekker wandelen. Met de auto race je aan zoveel moois voorbij. Dit jaar ben ik extra blij met Paola, want ze is ineens m’n wandel-maat, die ervoor zorgt dat ik niet af en toe, maar elke dag door dit prachtgebied loop. Zo iemand zoek ik in Olanda ook nog. Als het van mezelf afhangt gebeurt er namelijk helemaal niets qua lopen. En we mogen onderweg een lekker ontbijtje. Helemaal leuk.

 

Dus zet ik nu (vakantie of niet) braaf de wekker, spring hop hop onder de douche, wandelschoenen aan en lopen geblazen. Om half acht. Dat dan weer wel. Hobbel op, hobbel af. De eerste keer checkte ik na afloop de stappenteller in m’n telefoon. Wat bleek? Zesentwintig verdiepingen gelopen. En nauwelijks een trap gezien. Wel veel pittige heuvels natuurlijk. En… tadaa… caprioli! (Reetjes). Ik appte de foto van m’n stappenteller naar m’n vriendin en vertelde erbij dat ik zeven reetjes had gezien. Meteen een vraag van haar man, op welke verdieping ik die beesten had gezien. Begane grond natuurlijk!

 

Al dat wandelen is ook nog eens goed voor m’n Italiaans. Ik leer er elke dag wel weer een paar woorden bij. Je kunt tenslotte niet twee uur lang samen lopen zonder te praten. Nou ja, kan wel, en soms moet het wel vanwege buiten adem na een pittige helling, maar toch wordt er zo gaandeweg wel het een en ander besproken. Van wie welk stuk land is bijvoorbeeld, of waar we gisteren gegeten hebben en wat er zoal in de krant stond vanochtend, dat er hier bijvoorbeeld iemand is die tweehonderdmiljoen gewonnen heeft in de loterij en zich nog steeds niet gemeld heeft, of een vrouw die haar kind geruild heeft voor cocaïne. Brrr. Enge krant. Ik ga ‘m niet lezen.

 

Ik heb ook even naar dat ‘joe’ waar ik het laatst over had geïnformeerd. Nou, in Italië is het van hetzelfde laken een pak. De jeugd van tegenwoordig bezigt ook hier een heel andere taal. Ciao wordt natuurlijk nog wel gezegd, maar als ze elkaar tegenkomen is het vaker eeh! en als ze weer gedag zeggen is het euh! Niet alleen bij ons dus, dat er wordt gerotzooid met onze moerstaal.

 

Intussen begint Paola zich als een personal trainer te ontwikkelen. Ze merkte dat ik zo tegen het einde van een helling op apegapen liep, dus had ze een truc bedacht. ‘Franska, nu komen er dertig treden. De eerste vijftien nemen we eerst met het linkerbeen, de tweede vijftien met het rechter.’ Of: ‘Franska, vandaag gaan we het sneller doen.’ Ik doe braaf mee.

Het enige dat ik hier aan sport deed, was elke ochtend om acht uur het zwembad in om baantjes te trekken. Elke dag twee erbij, zodat ik tegen dat we weer naar Olanda moeten een kilometer per ochtend afleg. Dat doe ik er nu dus nog bovenop, na het wandelen. Heb ‘t er maar druk mee. En er is nog veel meer te doen. Bijvoorbeeld de markten af. En m’n bestelling ophalen. Vorig jaar heb ik namelijk wat extra theekoppen voor een vriendin en bordjes voor mezelf besteld. Kwam ik er vorige week om, vertelden ze me doodleuk dat het deze week de oven in zou gaan. Lekker vlot. Zeggen ze weleens iets van die Spanjaarden met hun mañana…  

 

Volgens Paola moet ik een paar dagen voor vertrek echt even gaan informeren of ze nou al klaar zijn, om die man een beetje achter de broek te zitten. Vanmiddag maar even, dan moet ik toch naar de bakker in het durp voor m’n verse handgerolde pici (soort dikke onregelmatige spaghetti). Ik hoorde ooit iemand die dingen bestellen. Dacht meteen: hé, dat kan ik ook. En dan vanavond aglione–saus maken. Supermakkelijk: veel knoflook in olie zachtjes pruttelen, blik tomaten aan stukjes erbij, vier peperoncini (mini-rode pepertjes) en dat een uurtje. Klaar istie. Blijk je dat dus met die koeiegrote knofloken te moeten maken die ze hier hebben. Ben ik pas sinds vorige week achter. Niet doorvertellen dat ik hier al twintig jaar kom. Had die joekels wel onlangs besteld bij ‘Vers-Bestellen’.  Die hebben de lekkerste dingen uit Italië.

 

Oh ja, en Adje (je kent haar wel van Franska.nl ) van Podere del Buongustaio in Umbrië kwam ook nog gezellig even langs. En dan komt er nog een vriendin met zwager, die toevallig in deze periode een wandelreis Toscane hadden geboekt, op de borrel deze week.

 

Hoezo een relaxvakantie?

 

Vraag me af en toe serieus af waarom ik dit huis eigenlijk maar voor twee weken boek. Kom jaar in, jaar uit niet toe aan alles wat ik hier op deze geheime plek nog wil doen. Volgens Paola moet ik deze plek trouwens helemaal niet geheim houden, die wil graag pubblicita. Snap ik. Maar ik hou sommige dingen nu eenmaal graag een beetje voor mezelf. Straks zitten we hier de hele vakantie tussen de Nederlanders. Dat hebben we het hele jaar thuis ook al. Wat vind jij? Ook liever geen Ollanders om je heen op vakantie? Of juist wel?

 

Hèhè, veel te lang natuurlijk weer dit vakantie-verhaal. Gaat je goeie maandagochtend met dat Toscane-geleuter van mij.

 

Fijne dag verder!

Oh wacht, nog even wat beelden, voor wie nieuwsgierig geworden is:

 

Ontbijtje. Glas abrikozensap erbij. Mmm

 

M’n stappen- en verdiepingenteller

 

Uitzicht vanaf de loopbrug

 

 

Dit servies dus. Jaar geleden bordjes besteld. En kopjes voor m’n vriendin….jpg

 

Die heeft ons flink laten schrikken met z’n gebalk

 

Ciao! Of Euh!

Door: Franska

Fotografie: Nikita Holst

Afbeelding van Franska