Wat een jaar geleden nog ‘spelen’ heette, is nu ‘afspreken’ geworden.

Deze dag is niet anders. Al komen ze na een uitstapje naar het huis van Jet vrij laat en in behoorlijk tintelende staat terug.

may@home 21 feb

Het is zomaar een donderdagmiddag als jongste meisje afspreekt met haar vriendin Jet. Wat een jaar geleden nog ‘spelen’ heette, is nu ‘afspreken’ geworden. Een andere naam voor precies dezelfde activiteit, die zich meestal van het ene naar het andere huis verplaatst en bijna altijd eindigt met de vraag of er gelogeerd mag worden.

Deze dag is niet anders. Al komen ze na een uitstapje naar het huis van Jet vrij laat en in behoorlijk tintelende staat terug. Er is nieuws. Groot nieuws. En we moeten het allemaal tegelijk horen.

Als de rest van het gezin is opgetrommeld en we braaf op een rijtje op de bank zitten, openen de wiebelende beentjes eindelijk het verhaal:
“De ouders van Jet hebben gevraagd of ik met hen meega op skivakantie!”

En dan is het ineens vier maanden later.

Ik zit op de houten vloer van haar kamer, omringd door skisokken, een rugbeschermer (de moeder van Jet overleefde ooit een vreselijk fietsongeluk en hamert sindsdien extra op preventie), vier pyjama’s, twee skibroeken en – uiteraard – een helm. Er wordt getwijfeld tussen handschoenen en wanten. Wanten zijn niet cool. Maar daar passen wél weer warmtezakjes in, die ik op de valreep nog heb besteld.

Dus we doen allebei.

Mijn lief belt. Hij zit voor werk in Italië en kan haar helaas niet uitzwaaien. Wel vraagt hij of ik het envelopje waar hij geld in heeft gestopt aan Iggy wil geven. Gewoon. Voor de zekerheid.

Ze bekijkt het met grote ogen. “Best veel,” vindt ze. En ook lief van papa. Een beetje onwennig verdwijnt de envelop in de binnenzak van haar skijack.

Als de tas eindelijk dicht kan, loop ik alles nog een keer na. Onderbroeken. Tandenborstel. Zonbescherming?

Vanaf de grond kijk ik omhoog. Naar benen die ooit hoorden bij een rond babietje en nu lijken alsof ze met een deegroller de lengte in zijn gerold. Net boven de rand van haar spijkerbroek steken twee heupbotjes uit. Daar mag wat mij betreft nog wel een wiener schnitzeltje bij deze vakantie.

Op Google Maps zoek ik op hoe ver onze skigebieden uit elkaar liggen. Vier uur en twintig minuten rijden. Dat vind ik meevallen. Als er echt iets is, zijn we er zo. Toch?

Als ik zeg dat ze niet off-piste moet gaan skiën, denkt ze dat ik een grapje maak. Iggy is geen zwartepistevreter. 

In haar “máma!” ligt alles. Dat ik me geen zorgen moet maken, dat ze het ook wel fijn vindt dat ik me zorgen maak, dat ik haar ga missen en zij mij, dat ze er zóveel zin in heeft. En dat het ook een beetje eng is. Dat allemaal.

Er volgt nog een “mama”, zachter dit keer. De eerste a klinkt langer door. En dan buigt ze zich naar me toe en kust zachtjes de traan die uit mijn oog rolt.

Door: May-Britt Mobach

Afbeelding van May-Britt Mobach
newsletter image
newsletter close button newsletter image
Word jij ook gezellig
Franska vriendin?
Zo maak je kans op
prijzen en uitjes!