Op je tellen passen

‘Goed. Ik heb netjes mijn oefeningen gedaan. Alles keurig drie maal tien keer.’

 

 

 

 

‘Goedemorgen. Jij ook een glaasje sinaasappelsap?’

 

‘Stop! Dat mag jij helemaal niet!’

 

‘Waarom niet? Ik moet rustig aan doen, maar ik mag wel sinaasappels persen.’ 

 

‘Nee, je moet suikers vermijden, dat weet je toch!? En in fruit zitten fruitsuikers. Levensgevaarlijk!’

 

‘Pffff. Nou, dan neem ik wel thee. Is er nog Earl Grey?’ 

 

‘Earl Grey is zwarte thee. Daar zit cafeïne in. Neem maar rooibos. Of groene thee.’

 

‘Sjemig. Als ik het theezakje er niet zo lang in laat hangen, wordt ie niet zwart. Dan heeft ie dezelfde kleur als rooibos. Mag dat ook?’

 

‘Nee, dat telt niet.’

 

‘Zucht.’ 

 

‘Hoe voel je je vandaag?’

 

‘Goed. Ik heb netjes mijn oefeningen gedaan. Alles keurig drie maal tien keer.’

 

‘Die ene oefening moest je drie maal twaalf keer doen, hè! Dus niet meteen beginnen met smokkelen.’

 

‘Als je alleen maar die ene oefening doet, is dat misschien belangrijk. Maar als je gewoon een half uur aan het bewegen bent, maakt 3x twee maal extra niet zoveel meer uit. En dit telt makkelijker. Alles 3 x 10 daar hoef je niet zo bij na te denken.’

 

‘Nadenken is goed voor je brein. Je moet jezelf ook elke dag 3 x 20 minuten uitdagen, heb ik gelezen.’

 

‘Ja, je had ook gelezen dat je je tanden moest poetsen op één been, en dat je BMI te hoog was. En toen viel je om tijdens het poetsen, en toen kon je drie dagen niet lopen. Hééél slecht voor je BMI. Hou eens op dat dat ge-meet en ge-weet.’

 

‘Gaan we zo nog wandelen?’

 

‘Ja, goed. Zullen we naar de visboer lopen? Anders kom ik niet aan mijn twee maal vis per week. Hahahaha.’

 

‘Ja, maar de visboer is maar 4750 stappen. Dus dan komen we niet aan je 10.000 stappen vandaag.’

 

‘Ah, nee? Heb je ze geteld? Ben je tellend naar de visboer gelopen?’

 

‘Nee, dat geeft mijn stappenteller weer.’

 

‘O, die zei ook dat we gisteren 12.800 stappen hadden gelopen, toch? Dus dan mag ik er vandaag wel 5000 minder. En trouwens… het is nog ochtend. Ik verzamel er in de loop van de dag gerust nog wel 5000 stappen bij. Als ik jouw oude kranten door het hele huis weer heb verzameld, en die naar de krantenbak heb gebracht, en je wasgoed overal van de vloer raap, en dat in de wasmand heb gegooid, heb ik er zo weer 5000 stapjes bij. En de artsen zeiden nog: ‘stapje voor stapje’, dus ik ga eigenlijk hartstikke goed.’

 

‘Heb je je bloeddruk nog gemeten?’

 

‘Nee. Ik word gek van al dat meten, weten, tellen en bellen. Dat gezeik met die cijfers, en dat gedoe met al dat moeten: ik denk dat ik daar juist ziek van word. Ik heb constant het gevoel dat ik alles fout doe. Vroeger at ik alles en was ik de hele dag ik de weer en toen mankeerde ik nooit iets. Nu moet ik alles zoveel keer per dag, per week, of juist helemaal niet doen, en ik word er knettergek van. Ik stop daar dus mee. Ik moet helemaal niks meer! Ik moet het gewoon leuk hebben voordat ik sterf. Zo!’

 

‘Ehhh… oké… wat gaan we dan eten vandaag?’

 

‘Weet ik nog niet. Voorkeur?’

 

‘Iets met veel groente. We moeten.. ehh… ik moet… 400 gram groente per dag eten.’ 

 

‘O, ja, en je moet óók écht twee minuten je tanden poetsen, maar die van sommige mensen liggen gewoon ’s nachts in een glas.’ 

 

‘Ja, dat telt niet!’

 

‘Dat telt wél. Jij loopt de hele dag te tellen en als je niet oppast raakt je straks volkomen uitgeteld. Eén op de zoveel mensen krijgt last van burn-out, hartklachten, kanker, machtsproblemen, gendertwijfel, uitzetting, inkrimping, afname en toestroom. En al dat tellen helpt daar geen ene f… tegen, want het hoort allemaal gewoon bij het leven.’

 

‘Oké… 1-0 voor jou! … Of mag ik dat niet zo zeggen?’

 

Door: Tineke

Tineke is schrijfster van de boeken “Toch?” en “Stof Genoeg” en ze blogt ook zo nu en dan. Ze woont op het platteland met één (leuke) man, twee (lieve) kinderen, drie (onbespeelde) muziekinstrumenten, vier (wisselende) mantelzorgprojecten, een (bijna) vijfde boek, haar zesde (luie) kat, en (dus) ongeveer zeven muizen.

Afbeelding van Tineke