Met het hele gezin, naar Ahoy in Rotterdam

May@Home

Vandaag staat al maanden in de agenda. Ik strooi niet zo graag met uitroeptekens, maar nu had ik er twee bij gezet, zo erg verheugde ik me.

Op deze dag gaan we, met het hele gezin, naar Ahoy in Rotterdam om daar het een-na-laatste concert van de dames van K3 bij te wonen. Mijn geliefde houdt er niet van om zijn contacten om een gunst te vragen (hij produceert tv-programma’s en organiseert grote muziekevenementen in de Ziggo Dome), maar voor Flo is alles geoorloofd. Dus toen alle kaarten in een zucht waren verdwenen, polste hij voorzichtig bij Gert Verhulst of er misschien, eventueel en alleen als het echt niet lastig was, een plekje zou zijn voor onze Flo. Beschouw het als geregeld, had Gert gezegd, en niet lang daarna rolden er vijf prachtige kaarten zijn mailbox binnen. Vak G, rij 6, daar gaat het allemaal gebeuren.

Met de begeleider van Flo overleggen we wanneer we dit grote nieuws het beste kunnen brengen. Tijd- en verwachtingsmanagement zijn niet bepaald Flo’s forte en als ze vandaag iets heel graag wil dat morgen op de agenda staat, dan roept ze dat morgen naar de hemel is vertrokken. Als we haar op zaterdag terugbrengen naar de wekelijkse logeerpartij, zetten we Oya Le Le op. Of Flo van K3 houdt, wil mijn lief weten. Enorm, knikt Flo. En wie de allereerste K3 vormden, weet ze dat toevallig ook? Karen, Kristel en Kathleen, tuurlijk weet ze dat. En of ze misschien morgen mee wil naar het optreden… Nee, klinkt er resoluut. Dat niet. De grootheid van de verrassing overvalt haar een beetje. Maar als we haar in haar kamer, de pyjama die ik thuis snel weer heb gewassen teruggelegd in haar kast en haar medicatie opgeborgen, een laatste knuffel geven, zegt ze: “Ik wil toch mee naar K3.”

Vanaf dat moment is ook bij Flo de voorpret aan, zo schrijft haar begeleider ons later. De volgende ochtend cancel ik, geheel tegen mijn nogal gedisciplineerde natuur in, mijn sportlesje. Naast alle K3-fans zullen ook deelnemers van de marathon van Rotterdam richting 010 trekken, dus we kunnen maar beter een beetje op tijd zijn. Ik vul een kratje met lekkere dingen zodat we, wat er ook gebeurt, gevoed en gehydrateerd zullen zijn. Als ik ChatGPT raadpleeg en vraag hoe laat we moeten vertrekken, antwoordt hij: wees maar op tijd, op dagen als deze (en al helemaal met Flo + emoji van een gezichtje met een hartje dat een knipoog geeft) wil je niet voor verrassingen komen te staan. Mijn hoofd twijfelt tussen best behoorlijk verbaasd boos worden op ChatGPT, die ongevraagd Flo (waar ik in mijn herinnering nooit over heb verteld aan ChatGPT) aanhaalt, of een tikje ontroerd te zijn dat “zelfs ChatGPT” met ons meeleeft. Je vindt het vast oliedom en naïef van me, maar de laatste werd de winnaar.

R., de begeleider van Flo, heeft mijn lievelingsoutfit aangedaan (“speciaal gisteravond nog even snel gewassen”) en staat samen met ons meisje klaar. We beginnen rustig in de auto, de muziek gaat pas aan als Flo onze denkbeeldige bingokaart van paarden, schapen, koeien en een molen heeft gezien en benoemd. Omdat we, dankzij ChatGPT, mijn kratje voer en de navigatietalenten van mijn man, bijzonder vroeg bij Ahoy zijn, moeten we even in de rij staan voordat we naar binnen mogen. Flo wacht braaf tussen de kolonne matrozenpakjes en roze hoeden.

Eenmaal binnen wacht haar een kleine teleurstelling. Het verkoopstalletje met K3-merch verkoopt T-shirts, truien, zelfs een koffiebeker, sjaaltjes en een waterfles, maar niet de knuffels waar Flo blijkbaar op gehoopt had. Even zie ik mijn gezin weer in onze mantelzorgrollen schieten. We zijn alert, kijken vooruit, bedenken allemaal wat mis kan gaan en verzinnen daar dan weer een plan B en een plan C bij. Als Flo, een beetje heen en weer wiegend van de tintelende opwinding van dat wat komen gaat, op haar stoel wil blijven wachten, geeft mijn lief me een knikje dat ik meteen begrijp. Hij gaat zogenaamd naar de wc, maar zal in werkelijkheid Ahoy afschuimen of er ergens toevallig een paar poppen op de kop getikt kunnen worden. Hij komt terug met een ik-heb-er-alles-aan-gedaan-maar-helaas-niks-kunnen-vinden-blik, maar heeft wel drie sjaaltjes gekocht voor de meisjes. Bel en Iggy zijn er blij mee, maar Flo vindt het te veel, dus ik knoop die van haar om mijn nek.

Als de drie dames vanuit het niets het podium opgetild lijken te worden, zie ik de ogen van Flo bewegen. Zijn ze dit echt? Ik zeg dat ze mag zwaaien, maar dat voelt te spannend. Als ze voorzichtig begint mee te bewegen, gaan wij los. Ja hoor, K3, dat is ons collectieve geheugen. Al die vakanties en autoritten waar we “de spanning stijgt ten top, je bergt al je boeken lekker op en iedereen wacht op het signaal dat de vakantie kan beginnen. En dan gaat de bel en plots klinkt het oorverdovend snel, je rent door de gangen, je bent buiten en je begint spontaan te zingen” hebben meegeschreeuwd, al die keren dat ik heb gehuild bij Oma’s aan de top of bij “hiep hiep hoera voor onze nieuwe baby” komen weer in één keer in beeld.

Na een nummer of tien zie ik tranen bij Flo. Ze lijken niet op die van mij. Mijn tranen lopen constant uit mijn ogen. Alsof je het kraantje in de wc na het wassen van je handen niet helemaal hebt dichtgedraaid. Bij Flo zijn het verdriettranen die een grotere onrust aankondigen. Ik knik naar mijn lief en de rest van ons gezin springt in de houding. Ik zal met Iggy en Flo naar buiten lopen. Flo wil kijken in de dozen van het kraampje of daar misschien toch drie poppen op haar wachten. Mijn lief en Bel zullen blijven, voor als we straks – vanzelfsprekend onverrichterzake – terug zullen komen. De meisjes van het merchandisekraampje zijn alleraardigst. Net als alle EHBO-medewerkers die we onderweg tegenkomen en die ons allemaal vragen of we behoefte hebben aan een rustig plekje. Als ik elke keer weer vriendelijk bedank, voel ik die tranen weer. Iemand heeft de kraan verder opengedraaid.

Na het concert rijden we terug. In de auto maar weer even geen muziek. Een beetje dommelen en nagenieten. In de gemeenschappelijke keuken van Flo haar huis praten we wat na. Huisgenoot R. is ook naar het concert geweest, vertelt hij trots. Met begeleider B., die ook aanwezig is en die ook — ik ben niet de enige emotioneel incontinente — heeft gehuild. Dan gaan we weer, morgen wacht ons weer een normale maandag tenslotte. Bij de deur knuffel ik Flo nog een laatste keer. Dan wijst Flo naar mijn sjaaltje. Of ik het om haar nek wil binden, vraagt ze. Ze had me niet gelukkiger kunnen maken.

Door: May-Britt Mobach

Afbeelding van May-Britt Mobach
newsletter image
newsletter close button newsletter image
Word jij ook gezellig
Franska vriendin?
Zo maak je kans op
prijzen en uitjes!