Vijgen uit eigen tuin

 

En als extra ook nog van die prachtige bladeren. Leuk voor de kaasplank en eventueel zelfs ter vervanging van een bikinibroekje ;-)

 

In m’n lijstje met tuindromen stond ergens bovenaan ook een vijg. Toen we hier tig jaar geleden kwamen wonen droomde ik wat af over die tuin. Olijven, vijgen, een wandelpad helemaal overdekt met heerlijk geurende blauwe regen. Dat ging allemaal niet van een leien dakje. De blauwe regen bleek je beter te kunnen aanschaffen als er al een bloementros in hing, dan wist je zeker dat ie bloemen kon maken. Een aantal planten verder had ik de goede te pakken. Dat zo’n ding per se het dak op wil en dan bij voorkeur onder de pannen door, stond er niet bij op het kaartje…

 

Aan een olijf was ik maar nooit begonnen, het is hier tenslotte geen Toscane. Kreeg ik er, toen ik vijfentwintig jaar ‘bij de zaak’ was, alsnog een cadeau van de redactie, zo’n schattig olijvenboompje in een pot. Dus sleepte ik hem voor de winter netjes naar binnen en in de lente weer naar buiten. Nou, daar werd ie niet vrolijk van. Tegen de tijd dat ie eindelijk blaadjes had (olijven kwamen er al helemaal nooit), was de pret alweer afgelopen. En zo liep het met die olijf dus tragisch af. Voor dit soort planten moet je een veel betere tuinierster zijn dan ik, dat is me intussen wel duidelijk. En ook geen drukke baan hebben of zo. Je hele ziel en zaligheid moet in die tuin en verder geen gedonder.

 

Uiteraard kocht ik in diezelfde beginperiode een vijg. Ik zag het al helemaal voor me. Romantiek ten top. Maar het was te triest voor woorden. Had ie net weer een paar van die prachtige bladeren, was het alweer tijd om te verkassen. Heen en weer, heen en weer… Ik leek wel Drs. P. Jaaaren mee bezig geweest. De laatste keer dat ik hem naar binnen wilde brengen, zat er door het gat onderin de pot een joekel van een wortel, die diep de grond in was gegaan. Duidelijk signaal, dat ding wilde gewoon niet meer naar binnen. Dus uit de pot gehaald en meteen op die plek in de grond gezet. Dan vriest ie maar dood ook, dacht ik, pech gehad.

 

‘Dat zullen we nog weleens zien’, dacht de vijg. Met als gevolg een giga overdreven struik die na wat snoeiwerk alleen nog maar enthousiaster werd, zo enthousiast zelfs dat er grof geschut aan te pas moest komen. Overbuurman kwam met een kettingzaag. Maar niet getreurd, de vijg sloeg genadeloos terug. Nog groter, nog hoger, nog breder. Vijg nam revanche na revanche. Nou was het ook niet de ideale plek waar ik hem ooit in een vlaag van wanhoop in de grond had gestopt. Uitzicht weg, licht weg, en dat vlak naast de tuintafel, waar hooguit wat klein lavendel-achtig spul zou moeten staan. Vooral m’n man had het er echt mee gehad. Moet ik er wel bij vertellen dat hij nog zo blij was dat die hysterisch hulkende bamboe, die eerder al op die plek stond, de pijp aan Maarten had gegeven. En dan was er nu die vijg weer.

 

Vrijdag is ie voor de zoveelste keer rigoureus aangepakt. Ik wil best een vijgenstruik, maar geen vijf meter hoge boom, waar je met gevaar voor je leven wiebelend op een ladder af en toe een vijg uit kunt plukken. Vanaf nu ga ik ‘m heel goed bijhouden, zei de tuinman, die er flink tegenaan gegaan was. Benieuwd of het lukt. Wel even wennen hoor, dat bakbeest weg. Kale boel eigenlijk, best ongezellig. Zal ik misschien…?

 

Ik heb trouwens een raadseltje: weet jij hoe de bloem van een vijg eruitziet? Ik wel. Ik hoor het wel van je, zo meteen op Facebook.
 
 
Fijne dag. Wat zeg ik…fijne week! En liefs,

Door: Franska

Afbeelding van Franska