High van de hoogtevrees

esther goedegebuure

 

Wanneer jij dit leest is er een dikke kans dat ik het zweet van mijn voorhoofd veeg, nog eens wat lurk aan de ‘camelbag’ (de zak water die ik als een kameel op mijn rug draag) en na een diepe zucht van het adembenemende uitzicht geniet.

 

 

 

Het voornemen is namelijk om samen met man en twee kinderen in vier etappes de 60 kilometer lange Dolorama-tocht te lopen. Langs zacht glooiende sappige almweides en door ruig berglandschap zullen we 2365 hoogtemeters maken in de Dolomieten.

 

Het kan ook zijn dat ik op dit moment sta te jammeren, te huilen misschien wel, omdat ik niet meer verder durf. Dat gebeurde me vorig jaar, toen we voor het eerst een meerdaagse huttentocht maakten. Op de ochtend van dag twee, toen we op een prachtig uitkijkpunt op 2000 meter in de Oostenrijkse Alpen stonden en na een korte pauze besloten dat we verder moesten, vonden we geen pad. Het Garminhorloge waarop onze gids, ook wel mijn man, de route had gedownload zei toch echt dat we de kam waarop we uitkeken naar de volgende berg moesten oversteken. Hoe dan? Of was het de bedoelding over dat smalle richeltje langs de bergwand te balanceren? We zagen inderdaad een kabel waaraan je je blijkbaar moest vasthouden zodat je voetje voor voetje langs een afgrond kon schuifelen. Alpine Erfahrung, Trittsicherheit und Schwindelfreiheit erforderlich, stond er op een bordje.

 

Na veertig stappen kreeg ik het water dat maar door mijn mond bleef stromen niet meer weggeslikt. Man en zoon, die het zelf ook doodeng vonden, spraken moed in, dus begeleid door mijn eigen jeremiëren zette ik nog wat stappen. Maar toen ik het bij de volgende bocht niet kon nalaten in dat huiveringwekkende ravijn te staren, begon mijn piepen over te gaan in hyperventileren en zag mijn 18-jarige zoon dat mijn doodsangst de overhand kreeg. We keerden terug en zochten een alternatieve route die, lang verhaal kort, tot een omweg van 10 kilometer extra leidde. Pas na 27 kilometer, 9,5 uur klimmen en klauteren, en een onverwachte hagelbui, bereikten we tegen het donker halfdood de hut. Hoe glorieus dan het moment is waarop je de vermoeide benen op een houten bank kunt leggen en hoe goed een Weissenbier dan smaakt, dat kun je je waarschijnlijk wel voorstellen.

 

Helemaal moppervrij is zo’n huttentocht niet, onnodig te benadrukken na voorafgaande. Toch wegen de plussen vet op tegen de minnen. De natuurbeleving is bijna spiritueel en het is zo knus en gezellig met elkaar. Je ouwehoert wat af op zo’n dag en ‘s avonds in die eenvoudige maar sfeervolle hutten raast de endorfine van de geleverde inspanning door je kop.

 

Met dat goeie gevoel in onze achterzak hebben we dus een nieuwe tocht gepland, door Sud-Tirol dit keer. Mij is beloofd dat er geen enge richels zijn om over te steken, al kan het zijn dat die informatie achter wordt gehouden. Bij het schrijven van dit stukje probeer ik dat wantrouwen te negeren. Mocht het anders uitpakken, heb ik in ieder geval weer stof voor een stoer verhaal.

 

Wil je ook een huttentocht maken? Er zijn met een beetje googelen allerlei aanbieders van georganiseerde huttentochten te vinden. Wij hadden vorig jaar en ook deze keer weer zelf een route uitgestippeld en de hutten aangeschreven. Kan dus ook net zo goed. Op deze site vind je allerlei tochten voor verschillende niveaus, ook voor beginners.