‘Onze dochter was radeloos van verdriet toen haar man haar na een relatie van bijna tien jaar verliet voor een ander. Het zien van haar verdriet deed ons ook ongelofelijk veel pijn. Alleen – je voelt de ‘maar’ vast al komen – hoopten wij er diep in ons hart op dat dit ook wel eens het keerpunt in haar leven kon worden. Zo lang ze met deze man was had ze zich geschikt, ze had haar best gedaan, had zichzelf weggecijferd, op haar tenen gelopen en uitgesloofd. Alles om hem maar te plezieren, hem niet kwijt te raken, aan zijn eisen te voldoen en spannend genoeg voor hem te blijven.
Kinderen had hij nooit gewild. Daarom had zij haar kinderwens – een wens die diep geworteld was overigens – op een gegeven moment maar laten varen. Dat deed mij heel veel verdriet omdat ik wist hoe graag ze moeder wilde worden en ik uit ervaring weet hoe veelbetekenend het is om het leven door te mogen geven. Ik heb het haar destijds gevraagd, of ze het wel zeker wist. Heel voorzichtig omdat ik me ervan bewust was dat het een tegengesteld effect zou hebben als ik er te veel op door zou gaan.
Toen hij zijn biezen pakte was ze begin dertig. Het was nog niet te laat om opnieuw te beginnen. Gelukkig begon dat besef bij haar ook door te dringen toen ze over de ergste shock heen was. Als ik nu wel eens heel voorzichtig zei dat haar man misschien toch niet de ideale partij voor haar was geweest stuitte dan niet langer op weerstand. Ze leek zelfs een beetje in te gaan zien hoeveel het van haar had gevergd en hoe vaak ze in angst had gezeten om hem kwijt te raken.
Alsof hij de verandering bij haar aanvoelde stond hij op een dag weer op de stoep met een jankverhaal dat hij haar niet kon vergeten, dat ze toch de ware voor hem was. Eerst hield ze dapper stand. Met als gevolg dat hij alleen maar meer kwam vleien. Na wat geweifeld te hebben ging ze uiteindelijk toch over stag en gunde hem een tweede kans. Ze verzekerde ons dat ze goede afspraken hadden gemaakt en dat het wel heel gek moest lopen wilde dit niet werken. Dit keer zei ik niet wat ik dacht: dat een vos wel zijn haren maar niet zijn streken verliest. Ik had heel graag gezien dat mijn voorgevoelens nooit uit waren gekomen maar dat deden ze toch. Binnen het jaar liet hij haar voor de tweede keer zitten omdat er toch weer een andere vrouw was en lag mijn dochter weer in de vernieling. Al ging het opkrabbelen dit keer wel iets makkelijker.
Ze zwoor ons dat ze nu wel haar portie had gehad en dat ze zich nooit meer zou laten lijmen door zijn mooie praatjes. Wij hoopten van ganser harte dat ze stand zou houden als hij toch weer eens bij haar aan kwam kloppen – waar we bang voor waren – maar toen ze op een dag vertelde dat ze iemand had ontmoet die ze meer dan leuk vond gingen we er weer in geloven dat het hoofdstuk met deze man eindelijk gesloten was.
Helaas verliep het anders. Hij kwam nogmaals bij haar aankloppen, ze nam hem nog een keer terug. De derde keer dat hij haar verliet was ze eindelijk écht genezen. Dat was nadat een therapeut haar duidelijk had gemaakt dat deze man een vervelend spelletje met haar had gespeeld. Waar dat in de kern om draaide was dat voor hem ‘het hebben van de zaak ook het einde van het vermaak’ inhield. Tegen de tijd dat deze doordrong was onze dochter eind dertig en was de kans om ooit moeder te worden zo goed als verkeken. Voor een man die haar liefde niet waard was is dat een wel erg hoge prijs gebleken.’
Heb jij een moeder/dochter verhaal dat je wilt delen? Dat kan ook anoniem. Als je mailt naar info@franska.nl onder vermelding van ‘moeders en dochters’ nemen wij contact met je op.







