Veel te veel brood!

 

 

Ik kwam de dag voor vertrek uit Toscane dus aanlopen met een enorm brood onder m’n arm. In zo’n bruine papieren zak. Je koopt in Toscane het brood per kilo of per halve kilo. Meteen werd ik ‘betrapt’ door Paola, de dochter van onze Italiaanse huisbazin Caterina. Logisch dat ze het nogal veel vond voor ons tweeën. We hadden nog maar een dag, dus ze vroeg meteen wat ik daarmee moest.

 
Nou, dat is heel simpel. Ik heb het nodig voor de ribollita, voor als ik dit najaar een etentje organiseer ter ere van een van onze verjaardagen. In die ribollita gaat namelijk oud brood. Dus het mag onderweg rustig uitdrogen. Thuis doe ik het in een paar stukken in de diepvries en het komt weer tevoorschijn als ik aan die verrukkelijke dikke soep ga beginnen. Die je in Toscane eet in plaats van pasta.

 
Daar in Toscane gooien ze zelden iets eetbaars weg. Ze weten heel goed raad met alle restjes, zo ook met oud brood. Waarschijnlijk is er daardoor een aantal erg lekkere recepten ontstaan, zoals pappa al pomodoro, panzanella en deze dus: de ribollita. Wat mij betreft een van de toppers uit de Toscaanse keuken. Over de pappa al pomodoro en panzanella later meer.
Ribollita betekent zoiets als ‘opnieuw gekookt’. Deze soep is dus op z’n lekkerst als je hem een dag (of wat) van tevoren maakt, af laat koelen en opnieuw weer opwarmt. Al neem ik altijd meteen als-ie klaar is een klein schaaltje. Dat schijnt te mogen als je het zelf kookt. ;-) Heb ik ooit besloten.

 
Ik geef even het recept, wie weet wil je het ook proberen. Je bent er wel een tijdje mee bezig, ik voel me altijd echt zo’n Italiaanse mama als ik dit maak. En als je gek bent op die heerlijke olijfolie, moet je even weten dat vroeger de kleine kinderen, als ze jarig waren, hun naam in olijfolie op hun soep mochten schrijven. Een beetje Toscaan is namelijk gek op dat spul, dus hoe meer op z’n bord, hoe beter. En ha! Ik ben in november jarig. Komt dat even goed uit.

 

 

Dit heb je nodig

  • 1 pot kleine witte (cannellini)bonen
  • 1 teen knoflook in mini-kleine stukjes gesneden
  • 1 middelgrote ui, gesnipperd
  • 2 stengels bleekselderij, in kleine stukjes
  • 1 winterpeen, in kleine blokjes
  • 1 middelgrote aardappel, in kleine blokjes
  • 1 blik gepelde tomaten, fijngemaakt en losgeroerd
  • 1/4 groene (savooien)kool, in reepjes
  • 300 gram cavolo nero, in stukjes. Cavolo nero = palmkool (letterlijk vertaald zwarte kool). Het schijnt bij AH te koop te zijn
  • oud Toscaans brood (ik heb het weleens vervangen door ciabatta) in kleine stukjes gescheurd
  • lekker veel extra vergine olijfolie
  • zwarte versgemalen peper
  • zout
     

Zo maak je het

De bonen goed uit laten lekken. De helft van de bonen fijnmaken met een blender of staafmixer. De andere helft bewaren.

In een stevige (ik neem altijd gietijzeren) pan een paar eetlepels olijfolie verwarmen en daarin de knoflook, ui, bleekselderij en wortel zachtjes laten smoren. Niet bruin laten worden. Na een minuut of 7 de aardappel erbij en die ook nog een paar minuten mee laten smoren. Daarna gaan de tomaten uit blik erbij.

Vervolgens de twee koolsoorten. Deksel op de pan en als alles pruttelt het vuur op z’n laagst zetten en zo’n 45 minuten latten pruttelen. Absoluut in de gaten houden dat het niet aan de bodem vast gaat zitten. Als dat gebeurt, doe ik er wat water of tomatensap bij.

Als alles lekker gaar is, maak je de (dikke) soep op smaak met peper en zout, roer je de gemalen bonen erdoor, en daarna de bonen en het brood. Als alles lekker zacht is, is-ie klaar.

Bij het serveren zet je dus de fles olijfolie op tafel, zodat iedereen er een sliertje op kan gieten.

Soms krijg je er in Toscane ook nog een schaaltje geraspte Parmezaanse kaas bij. Ook niet vies.

 

Buon Appetito!

 

   Door Franska

Fotografie: Esmée Franken. Visagie: Charlotte van Gulik, Haar: Isabella Greuter