Laat je man nooit alleen thuis

Het kan namelijk zomaar hoor, als je met mijn man getrouwd bent, dat je bel ineens weg is. Of als je thuis komt de voordeur in de tuin ligt. Of dat hij een boom omzaagt als je niet kijkt.

 

 

Man heeft slecht geslapen. Ik ook. De zon schijnt. Tijd voor een dutje in de achtertuin, waar niemand me ziet. Ik word wakker van een buurvrouw die staat te gillen. Dat is zij van die haan, over wie ik eerder schreef. Nu hij niet meer kukelt (ze hebben hem laten inslapen en opgezet), kukelt zij. Maar dan mensachtig. Ik ben dus wakker. Man is ook thuis, met pensioen hè? Komaan, ik ga boodschappen doen. Is de tuindeur op slot, evenals de bijkeukendeur. Ik loop naar de voordeur om aan te bellen, is de bel weg. Het kan zomaar hoor, als je met mijn man getrouwd bent, dat je bel ineens weg is. Ooit kwam ik thuis, lag de voordeur in de tuin. Of hij zaagt een boom om als je niet kijkt. Op de deur hangt een briefje: dat onze bel kapot is, kloppen graag en bij mooi weer omlopen, omdat we dan in de tuin zijn. Je moet mannen eigenlijk niet alleen thuis laten.

 

Buurvrouw niet thuis, waar ook een sleutel ligt. Gelukkig heb ik mijn telefoon op zak. Ik bel man. Voicemail. Ons vaste nummer dan. Hij neemt niet op. Ik kijk naar het slaapkamerraam. Gordijnen dicht, dus hij slaapt. Ik tuur door het raam naar onze eettafel. Daar staat mijn tas. Met sleutels. Geen leuk gevoel. De sleutel die ik had verstopt, ligt er niet meer. Die heb ik aan jongste zoon meegegeven. Ik zal moeten wachten tot man uitgeslapen is. Sinds Zambia ben ik goed in wachten.

 
Ongeveer 1/3 van ons verblijf daar is opgegaan aan wachten op lieden die instanties vertegenwoordigden en die daar lang over deden. Had ik nu maar een biertje. Ter verstrooiing plaats ik mijn leed op Facebook. Pas na anderhalf uur komt man tevoorschijn. Hij is niet onder de indruk van mijn verwijten. Dan had ik maar moeten melden waar ik uithing. Omdat ik hem altijd opdraag alle deuren op slot te doen als hij alleen thuis is, had hij dat gehoorzaam gedaan, dus hij vindt dat ik zeur. Hij had de telefoon wel gehoord, maar dacht: wat een eikels dat ze hem zo lang laten overgaan.

 

Ondertussen is de bel weg. Die bel is niet kapot, hij doet een beetje raar. Hij moet via een systeem aangeven wie er voor de deur staat. En dat doet hij niet. Dus heeft man hem gedemonteerd, in een doos gestopt en teruggestuurd naar de firma. Hij zit in de planning, zeggen ze daar. Hoe lang dat gaat duren, weet niemand. Wat geduld graag, want het is heel druk. Zouden er overal bellen kapot zijn? Wie langs wil komen, kloppen dus! Ik verstop weer een sleutel en schrijf ergens op wáár. Leermoment: je moet overdag nooit gaan slapen, maar waakzaam blijven.

 

 

Door: Wieke Biesheuvel

 

Wieke Biesheuvel werkte en woonde zes jaar in Zambia, is nu voorgoed terug en probeert het Nederlandse leven weer onder de knie te krijgen. Waarbij ze beurtelings verbaasd, boos, dolgelukkig, verward of blij is.