Tineke vindt er wat van

 

Het imago van Marco Borsato lijkt een flinke deuk te hebben opgelopen, zo las ik deze week….

 

Ik heb geen flauw idee waarom iemand de moeite neemt om zoiets te onderzoeken, maar het schijnt dat vrouwen hem nu minder vertrouwen nadat hij erkende buitenechtelijk in de weer te zijn geweest. En aan de buitenechtelijke escapade die hij toegaf, werd toen onmiddellijk een ‘s’ geplakt om het nieuws nóg leuker te maken. Alleen werd voor die andere vermeende slippertjes nooit enig bewijs geleverd.

 

Dat hóeft ook niet, zou je denken, want het gaat ons eigenlijk niks aan. De enige die mag beslissen of ze hem wel of niet nog vertrouwt, is volgens mij zijn echtgenote. En die heeft (terecht) geen enkele behoefte om zich te laten ondervragen door de interviewers van zo’n onderzoek.

 

Trouwens: voor buitenechtelijk gedonder is meer nodig, hè! In dit geval waren er dan ook nog vrouwen die dat vreemdgaan faciliteerden, en die wisten dat hij getrouwd was. Dus technisch gezien zouden we nu dan ook moeten vinden dat het imago van de vrouw aan gort is. Maar daar hoor je dan weer niemand over.

 

Nou ja, gelukkig maar, want ik wil niet op die manier beoordeeld worden. Ik besodemieter namelijk niemand. Ik zou als echtgenote van deze man heel erg boos, vernederd en verdrietig zijn, maar als gewone Nederlander zie ik eigenlijk geen enkele reden om de heer (nou, oké… héér?) Borsato op iets anders te beoordelen dan op zijn zangkwaliteiten.

 

En toch zit beoordelen inmiddels in ons aller bloed.

 

Ik las namelijk ook dat Willemijn Verkaik er een ander vak bij wil gaan leren, om voortaan inkomstenloze periodes als gevolg van (bijvoorbeeld) een virus te voorkomen. Ik had zoiets ook al gehoord van een van de Ashton Brothers – die was een tijdje als hovenier aan de slag geweest toen de theaterdeuren dicht moesten blijven – en ik hou van zulke mensen. Niet lullen maar poetsen! Maar hoewel ik die dan positief beoordeel, beoordeel ik ze natuurlijk wel.

 

Tsja, zeggen sommigen dan, dat hoort bij dat vak. Wie publiek trekt, wordt een publiek figuur. Een beetje zoals de dierentuin, maar dan vrijwillig.

 

En wat vind ik dáár dan weer van?

 

Nou ja, in de dierentuin loop ik inderdaad ook door de tralies heen te oordelen. Ach, wat schattig, ach wat zielig, ach wat saai, mooi, leuk of eng. Je oordeelt automatisch wanneer je langs de hekken loopt. Al moet ik eerlijk bekennen dat ik ook weleens denk: wat zouden zíj nou denken? Hoe kijken die dieren nu naar mij? Want: wie kijkt er nou eigenlijk naar wie hier? En hoe zou het zijn als dat hek er niet stond?

 

Nou, en dát konden we deze week zien in een video uit Mexico! Tsjonge, jonge wat een lang intro… Drie vrouwen lopen in een natuurpark en komen plotseling een zwarte beer tegen. Hij besnuffelt (en beoordeelt) de dames, en op afstand hoor je iemand roepen: nò, nò (Beetje Spaans uitspreken! Met een oh, in plaats van een oo. Zeg maar zoals zo’n kleurrijke Mexicaan, die lekker met zijn sombrero tegen de boom aanligt… Of… O, nee… Óórdeel).

 

Maar het eerste wat ik dus dacht was: jemig wat een schrik.

 

En toen dacht ik: wat een gek die vrouw. Dat je op zo’n moment nog denkt aan een selfie?!

 

En toen dacht ik weer: wie roept er nou eigenlijk steeds ‘nò’? Is dat iemand die bij die beer hoort? De trainer of zo?

 

En toen bedacht ik dus dat ik inmiddels knettergek word van al dat nepnieuws, waarvoor ik steeds op mijn hoede moet zijn. En dus ook van al die meningen op het internet. Ik kan niet eens meer normaal iets lezen, of zien, zonder dat ik daarbij meteen een mening denk te moeten formuleren, of dat die mening mij daarover wordt opgedrongen.

 

Ik zie overal beren op de weg, zeg maar. En internet is mijn dompteur geworden!

 

Bah! Ga ik wat aan doen. En dan niet lullen, maar poetsen!

Door: Tineke

Tineke is schrijfster van de boeken “Toch?” en “Stof Genoeg” en ze blogt ook zo nu en dan. Ze woont op het platteland met één (leuke) man, twee (lieve) kinderen, drie (onbespeelde) muziekinstrumenten, vier (wisselende) mantelzorgprojecten, een (bijna) vijfde boek, haar zesde (luie) kat, en (dus) ongeveer zeven muizen.

Afbeelding van Tineke