Wieke’s speurtocht naar bruine poppen 

 

Ik vertelde er al over: mijn speurtocht naar bruine poppen, en hoe dat was gelukt.

 

 

Daar gingen we, half mei, op vakantie naar Zambia. Een koffer met anti-zonnebrand, eentje met medische zaken en eentje met de poppen en nog meer knuffels. 

 

 

Ons buurmeisje Amanda was zielsgelukkig met haar baby. De pop werd onmiddellijk in haar eigen jas gewikkeld, omdat het zo koud was (23 graden, maar dat is voor een Zambiaan ijskoud). Later appte Hilda, haar moeder, me foto’s door van Amanda die haar baby verzorgt. De pop gaat waar Amanda gaat en slaapt bij haar in bed. Zelden zo’n dankbaar kind gezien. Zelfs Hilda is een beetje verliefd op de pop en mailde een foto met als onderschrift: me and my granddaughter…

 

De andere pop was voor Tabitha, het geadopteerde dochtertje van onze vriend Benson in mijn favoriete dorp Kachipu. Maar in Kachipu rennen nog veel meer kinderen rond. Tabitha moet de pop delen met Veronica en Rachel, haar nichtjes, en voor de anderen hadden we de knuffels van onze kinderen, waar nog amper mee gespeeld was.  Delen is nooit een probleem voor Zambiaanse kinderen. Soms onder protest, maar terwijl ik er was, ging de pop van hand tot hand. Terwijl er ook zoveel echte baby’s waren. Je let even een jaar niet op…, is het huishouden van Benson en Agnes verrijkt met nog eens drie baby’s. Ach, ze groeien daar leuk op. Altijd buiten, altijd met elkaar. ‘The more we are together, the happier we are… your friend is my friend and my friend is your friend, the more….’et cetera. Dit liedje zingen de kinderen vaak samen. Kachipu heeft een kinderkoor, onder leiding van Christa, Bensons jongste dochter.

 

 

 

 

Toen ik het liedje voor het eerst hoorde, schoot ik vol. Stel het je voor: volle maan, miljarden sterren en wel vijftig kinderen die dat liedje brullen, onder de mangoboom. Brullen ja, Zambianen hebben harde stemmen. Het was zo aandoenlijk. Christa is degene die ineens ook een baby heeft. Hoe dat moet met haar vervolgopleiding tot docent? Geen probleem. Oma, tante Mary, tante zus en tante zo zorgen wel dat het goed komt. Een kind doet trouwens toch in eerste instantie wat oma zegt. Moeder komt op de zoveelste plaats.

 

Terug naar de poppen: ik had er wel honderd mee kunnen nemen. Onmogelijk. Laten de kinderen (zelfs de jongetjes vonden de pop en de knuffels schitterend) ze maar fijn delen. Daar zijn ze – meestal – goed in.

 

 

Door: Wieke Biesheuvel

Wieke Biesheuvel werkte en woonde zes jaar in Zambia, is nu voorgoed terug en probeert het Nederlandse leven weer onder de knie te krijgen. Waarbij ze beurtelings verbaasd, boos, dolgelukkig, verward of blij is.

Afbeelding van Wieke Biesheuvel