We zijn het misschien wel, maar zo voelen we ons niet!

 

 

‘Maar zo oud ben ik toch helemaal niet? Ik bedoel, ik ben toch niet zo oud dat je voor me op gaat staan in de tram?’

 

 

 

Ze stormt binnen, mijn vriendin en ze ziet er verwilderd uit. Als ze neerploft legt ze haar hoofd in haar handen. Moet ik eerst wat te drinken voor haar bestellen of wil ze het er liever maar meteen over hebben? Want dit is niet hoe ik haar ken.

 

‘Wil je het erover hebben?’

 

‘Ik ben in shock. Echt waar. Totaal in shock.’

 

‘Zo ziet het er uit, ja.’

 

‘Kom ik net de tram binnen, vraagt een jongen of ik misschien wil zitten. “Gaat u maar zitten mevrouw.” Hij was notabene al gaan staan voordat ik antwoord kon geven. Maar zo oud ben ik toch helemaal niet? Ik bedoel, ik ben toch niet zo oud dat je voor me op gaat staan in de tram?’

 

‘Wat heb je tegen ‘m gezegd?’

 

‘Ik zei nee. “Nee,” zei ik, “ik sta hier prima.” “Niks aan de hand”, zei ik ook nog, maar dat maakte het nog wat erger. Ik stond gewoon voor lul in die tram.’

 

Is het alleen onze generatie, die zich altijd jonger voelt dan de werkelijkheid? Ik hoor namelijk niet anders om me heen. We werden veertig, vijftig en nu zestig en we voelen ons steeds maar stukken jonger. Alsof we in ons hoofd zijn blijven stilstaan op – in mijn geval – ergens in de twintig. We gaan er ouder uitzien, maar we worden het niet. Was dat vroeger anders? Voelden mijn oma’s zich wel oud na negen kinderen? Maakte een leven van alleen maar werken en elke cent moeten omdraaien dat ze zich voelden zoals ze eruitzagen?

 

Ja, volgens mijn man. Dat ons altijd maar jong blijven voelen is van onze generatie. Onze grootouders en ouders zaten in een harnas van sociale patronen waar niet aan te ontkomen viel, zegt hij. Niks geen ruimte voor freewheelen en experimenteren. Het was de dominee en de pastoor in plaats van dolle Mina’s, kabouters en provo’s. Er was niks op zondag omdat ze op zondag niks mochten. De saaiheid en de voorspelbaarheid van het bestaan maakten dat ze indutten, onze (groot)ouders. Verliefd, verloofd, getrouwd. En dan voor meisjes graag met een ambtenaar want dan zat je geramd voor de rest van je leven. En wij? Na Hilversum 1 (ik bedoel dus de radiozender), kwamen Hilversum 2 en 3 en later Veronica en Radio Noordzee. De wereld kwam bij ons binnen. Een wereld met ongekende mogelijkheden en verre horizonten! Alles kon, alles mocht, alles was mogelijk. Nou en of dat jong houdt.

 

Ik bestel een fles wijn voor ons – mijn vriendin en ik. Ik moet om haar lachen.

 

‘Nee gek, ik lach je echt niet uit!’

 

Ik zeg dat ik vind dat ze er nog fan-tas-tisch uitziet – voor haar leeftijd. En dat het niet in me op zou komen om voor haar op te staan in de tram. Al was het maar omdat ik zelf veel te graag zit, zeg ik. En dan lacht ze eindelijk met me mee.

Door: Brigitte Bormans

Brigitte werkte jarenlang als culinair journalist en schreef twee kookboeken. In 2004 werd ze directeur/eigenaar van Erfgoed Logies. Maar zonder schrijven kan ze niet. Gelukkig zag Franska wel iets in haar columns, kwam van het een het ander en mag er nu ook over andere zaken worden geschreven.

Fotografie: Nikita Holst

Afbeelding van Brigitte Bormans