Lieve lezers, ik heb jullie hulp nodig!

 

 

Ik ben een boek aan het schrijven en ik kom er maar niet uit hoe ik dat boek moet gaan noemen.

 

 

De werktitel is zelfs nog steeds ‘Het mag eigenlijk geen naam hebben, want zó’n groot project is het nou ook weer niet’, en dat zegt eigenlijk al genoeg, denk ik.

 

Maar nu de tekst toch in de afrondende fase begint te belanden, moet ik er dus iets mee. Zo’n boek gaat straks als een schip te water – met een heleboel bubbels en een grote knal – en dan wil je toch dat het een goede naam heeft. Dat het niet meteen zinkt, zeg maar. Of dat het verdrinkt in de zee van boeken van anderen, want dat is ook horror voor een schrijver. Dat je maanden (misschien wel jaren) hebt gewerkt aan zo’n project, en dat het dan na de lancering verdwijnt in het niets. In een zwart gat, alsof het er nooit geweest is. Dat doet je ego natuurlijk geen goed, en daar kun je dan heel erg onzeker van worden.

 

Vandaar de druk die ligt op het verzinnen van een goede, duidelijke, pakkende, maar toch zichzelf nog onderscheidende naam of titel.

 

Vroeger deed de uitgever dat trouwens voor je. Hoefde je alleen maar de letters voor het binnenwerk aan te leveren en zij corrigeerden die dan voor je. Zij verzonnen vervolgens dan ook nog de titel, ontwierpen het omslag, schatten de oplagen in, deden het promotiewerk en onderhielden jou en je gezin dan ook nog in de tussenliggende periode.

 

Wat een leven had je toen als schrijver! Je hoefde alleen maar je vak uit te oefenen, en verder niets.

 

Maar ja, de tijden zijn veranderd, en daar moet ik maar niet te veel bij stilstaan, want dan ga ik huilen. Ik ben al zo onzeker. En als ik dan bedenk dat ik vroeger op maar één vlak de boel kon verpesten – namelijk alleen maar op het inhoudelijke vlak – dan legt het nu flink wat druk op me als ik bedenk dat ik mijn succes daarna op 47 andere vlakken óók nog om zeep kan helpen. Je kunt jezelf gaan haten, als je jaren werk verknalt door het verzinnen van een verkeerde naam voor dat werk. En dat moet je natuurlijk niet hebben.

 

Ik ben dan ook nú al bij een zelfliefdecoach geweest, omdat me dat al eens eerder is gebeurd.

 

Of… nou ja… eigenlijk was het andersom. Van mijn allereerste boek ‘Goede gesprekken en andere misverstanden’ vond ik achteraf de (ook al door mijzelf verzonnen) titel beter dan de inhoud ervan.

 

Ja, andersom kan het dus ook fout gaan! Maar daarmee kon ik gelukkig dus terecht bij een zelfliefdecoach. Iemand die mij liet inzien dat overtuigingen je merendeels door de buitenwereld worden aangepraat en dat die meningen van anderen echt niet altijd iets zeggen over jou of je talent. Pfff, gelukkig maar.

 

Van haar leerde ik ook dat het geen enkel doel dient om mezelf nu nog langer klein te houden, en daarom schreeuw ik nu gewoon van de daken dat ik (alweer) een hartstikke goed boek aan het schrijven ben.

 

Alleen de titel dus nog. En dat maakt me dan toch weer wat angstig.  

 

Maar ik zag in het nieuws dat je titels en namen ook nog kunt laten bedenken door anderen! En ineens leek me dat een heel goed idee. Willen jullie mij dus helpen?

 

Het boek gaat over een zeesluis in IJmuiden. En als jullie daar een goede titel voor weten te bedenken, dan ben ik jullie eeuwig dankbaar. Met dank aan Zeesluis IJmuiden voor het briljante idee!

Door: Tineke

Tineke is schrijfster van de boeken “Toch?” en “Stof Genoeg” en ze blogt ook zo nu en dan. Ze woont op het platteland met één (leuke) man, twee (lieve) kinderen, drie (onbespeelde) muziekinstrumenten, vier (wisselende) mantelzorgprojecten, een (bijna) vijfde boek, haar zesde (luie) kat, en (dus) ongeveer zeven muizen.

Afbeelding van Tineke