‘Ben je druk?’ vraagt mijn dochter. ‘Want het is niet belangrijk.’ Het heeft te maken met de kleur van de muren van de nieuwe babykamer die binnen zeer afzienbare tijd in gebruik genomen gaat worden, wat volgens haar niet belangrijk zou zijn. Die muren zijn roze. Geen felroze, geen zalmroze en ook geen pastelroze of uitgesproken oudroze maar een beetje tussen oud- en poederroze in. In ieder geval precies het roze dat ook in het behangetje met de konijntjes en de boompjes en bloemetjes zit waardoor alles mooi bij elkaar komt. Althans zo was het bedoeld. Maar opeens zijn die muren aan haar gaan knagen en inmiddels lijden ze een geheel eigen leven. Wat er stoort is dat het roze het nét niet is, eigenlijk ronduit zompig is. Die gedachte heeft zich in haar vastgezet, laat haar niet meer los en dat laat zich met geen mogelijkheid meer parkeren.
‘Wat denk jij?’ vraagt ze.
‘Overkalken!’ zeg ik resoluut.
‘Ja toch?’
‘Zeker!’
Of ik in dat geval heel toevallig nog een schilder weet, wil ze weten. Want wij hadden toch een schilder die goed was?
Die hadden we inderdaad. Alleen heeft die in november zijn heup nogal ongelukkig gebroken waardoor hij nog steeds uit de roulatie is. Maar wie weet, weet hij wel iemand anders. Ik bel hem wel even.
Onze schilder weet het goed gemaakt en biedt aan om morgenochtend even langs de groothandel te gaan waar de meeste van zijn vakgenoten hun dag starten met een kop koffie en de inkoop voor die dag alvorens aan de slag te gaan. En inderdaad kan hij ’s anderdaags melden dat hij iemand gevonden heeft die bereid is om zijn zaterdag op te offeren aan het juiste roze van de nieuwe kinderkamer van mijn dochter. Alleen is het dan wel zaak om die juiste kleur zelf in te kopen zodat zijn collega daar geen tijd aan kwijt is. Dit keer weet ik het goed gemaakt. Een paar dagen later rijden mijn schilder en ik samen langs mijn dochter voor een check en de juiste kleur en daarna gaan we samen langs de groothandel zodat zijn collega subiet aan de slag kan.
Voor de vakman die ik ken, is hij stil als mijn dochter de kleurstaaltjes tegen de muren houdt om uit te leggen wat er nu niet aan klopt en wat er voor nodig is om het wel kloppend te krijgen. In de auto onderweg naar de groothandel zit hij een poos stil naast me voordat hij voorzichtig aan me vraagt of ik het verschil in roze nou echt zo levensgroot vind dat het de moeite van het overschilderen waard is.
‘Voor een vrouw die op het punt staat om te bevallen is het verschil in ieder geval onoverkomelijk. Ik denk dat het iets met nesteldrang is en ik dat er tegenin gaan niet alleen zinloos maar zelfs een beetje misdadig zou zijn.In dit soort situaties horen we hoogzwangere vrouwen te faciliteren.’







