Beste pap, lieve Wieke

 

Elke week sturen Wieke (30) en haar vader (72) elkaar een brief. Over de gelijkenissen en de verschillen in het leven. Deze week: over hun verschillende muzieksmaak.

 

Lieve Wieke,

 

Op vrijdag staan er altijd recensies in de krant van onlangs verschenen cd’s. Je weet, ik ben geïnteresseerd in zowel klassiek als pop. Maar het gebeurt tegenwoordig zelden dat ik bij pop de naam van de zanger, zangeres of de band ken.

 

Douwe Draaisma, hoogleraar psychologie en geheugenonderzoeker, schrijft dat mensen de neiging hebben te blijven hangen in de muziek van de jaren waarin zij opgroeiden naar volwassenheid, dus zo tussen de 15 en 25. Dat geldt voor mij zeker.

 

Ik kan me nog goed herinneren dat ik, veertien jaar oud, mijn vader vertelde dat wij, twee vrienden en ik, kaartjes hadden voor het Concertgebouw. Mijn vader, fanatiek luisteraar op zondagmiddag naar de Belgische klassieke zender op de distributieradio (ik ben bang dat alleen de wat in leeftijd gevorderden nu instemmend zullen knikken) was opgetogen. Zijn vreugde was snel over toen ik vertelde dat wij naar Cliff Richard en The Shadows gingen. Dat was mijn eerste concert.

 

Als ik een top tien zou maken van de concerten waar ik geweest ben, dan zou ik in ieder geval de Beatles daarin opnemen. Ik had via het blad Tuney Tunes vier kaartjes kunnen bemachtigen voor het avondconcert in Blokker. Die middag heb ik voor het eerst – en laatst – gespijbeld (spijbelen deed je vroeger niet) zodat ik langs de grachten kon rennen waar de Beatles in een rondvaartboot doorheen voeren. Nee, ik ben niet de gracht ingesprongen.

Het concert was onvergetelijk. Door het gegil was er nauwelijks iets van de muziek te horen, je moest aan elkaar vragen welk nummer ze aan het spelen waren. Ringo Starr, favoriet van de meeste meisjes, was ziek. Het meisje naast me, van mijn leeftijd dus een jaar of zestien, koos toen maar voor Paul McCartney. Toevallig zwaaide Paul naar onze kant van de enorme veehal waar het concert plaatsvond toen mijn buurmeisje met haar jas naar hem zwaaide. Zij viel ter plekke flauw; zestien was toen nog erg jong. Ik weet dat ik flauwvallen op zichzelf wel erg kon waarderen (ze viel bovenop me), maar hoe ik haar dat duidelijk kon maken, daar had ik meer moeite mee. Paul McCartney heeft nooit geweten dat hij slechts tweede keus was.

 

Zo’n hype als de Beatles toen waren, kun je dat ergens mee vergelijken in jouw herinnering?

 

Je weet dat ik een tijdje zelf muziek heb gemaakt, in een coverband (kort) en een paar jaar in een groep die meerstemmige Amerikaanse folkmusic speelde en zong. Ik ontmoette bij een radio-uitzending de toen volledig onbekende Amerikaanse zanger Paul Simon. De volgende dag ging ik naar de platenzaak en vroeg naar de plaat van Paul Simon. ‘Paul wie?’, was de reactie. 

 

En ja, ook Paul Simon ben ik trouw gebleven. Je moeder en ik zijn zelfs naar het Londense Hyde Park gegaan voor zijn afscheidsconcert.

 

Die trouw aan artiesten uit je jonge jaren, herken je dat?

 

In mijn jeugd kwam de popmuziek op. Mijn ouders werden met een nieuwe muziekstijl geconfronteerd, maar vooral ook met allerlei nieuwe verschijnselen daaromheen, zoals lang haar,  de hype rond popmusici als Elvis Presley, Beatles, Rolling Stones en anderen. In mijn tijd was het ondenkbaar dat ik samen met mijn ouders naar een concert zou gaan. Mijn vader zei vaak dat popmuziek vast heel tijdelijk was en dat popmusici, als zij ouder waren, ongetwijfeld zouden overstappen naar klassieke muziek. Natuurlijk zou Mick Jagger niet meer optreden als hij eenmaal vijftig was geworden.

 

En mijn vader was lang niet de enige die dat zo zag.

 

Lieve pap,

 

Muziek heeft ook altijd een belangrijke rol in mijn leven gespeeld. Vooral omdat ik er gewoon heel veel van hou, want zoals jij als geen ander weet is mijn drumcarrière na drie jaar nooit helemaal van de grond gekomen, was mijn gitaarcarrière nog stukken korter en ben ik nooit gezegend met een heel zuiver stemmetje. Maar muzieksmaak heb ik altijd wel gehad. Vind ik zelf dan.

 

Zoals jij ook als geen ander weet, is dat ook niet altijd zo geweest. Obsessief fan was ik van de Spice Girls (inclusief naveltruitjes en plateauzolen), Britney Spears was m’n idool en toen kwam ineens de ommezwaai naar Di-Rect. Ik durf bijna hier niet neer te zetten hoe vaak ik ze live heb gezien maar ik ben bang dat ik de vijftig keer wel haal. 

 

Ik zal ze, hoe leuk de band ook is, teveel eer geven op dit moment, maar ik denk dat Di-Rect voor mij toen was hoe de Beatles voor jou waren. We zullen over een aantal decennia moeten zien of zij het ook zo ver schoppen, maar ik acht de kans klein.

 

Hypes zal je wel altijd blijven hebben, als ik naar mezelf kijk in mijn Spice Girl-fase. Volgens mij was One Direction ook net zo groot (misschien wel groter?) en toen Robbie Williams de band Take That verliet waren vrouwelijke fans zelfs suïcidaal. Tikkeltje overdreven, als je het mij vraagt. Hoe er werd gereageerd toen John Lennon werd neergeschoten weet ik natuurlijk niet, maar ik kan me voorstellen dat dat ook behoorlijk heftig was. Misschien moet je me maar een keer vertellen hoe dat was, en vanwaar de haat voor Yoko Ono. Die snap ik niet helemaal namelijk.

 

De trouw zoals jij die hebt heb ik dus niet, vrees ik. De artiesten waar ik wel trouw aan blijf, krijg ik bij jou helaas nooit de cd-speler in. Ik noem Marco Borsato en ja, zelfs de Backstreet Boys (en dat geldt overigens ook voor jouw zoon, mijn broer, die beide erg kan waarderen). De Nederlandse muziek heb jij helaas nooit kunnen waarderen. Helaas ja, want wat mij betreft is er niks mis met een André Hazes (senior dan, hè) op z’n tijd. 

 

Het grappige is dat ik een zekere trouw dus juist wél heb aan artiesten waar ik mee ben opgegroeid. Dus hoe teleurgesteld je ook kan zijn in mijn Marco Borsato-liefde, je hebt toch iets goed gedaan. James Taylor staat steevast in mijn afspeellijst, Paul Simon vind ik hartstikke leuk, Mary Black luister ik ook zo af en toe (of The Black Family) en de Beatles kan ik zeker waarderen. Grappig dat jij wel het stereotype Beatle-fan bent, want ik heb geleerd dat er twee kampen zijn: de Beatles of de Rolling Stones. Je noemt Mick Jagger, maar ik kan me niet heugen dat jij ooit een cd van ze in je bezit hebt gehad. Ik concludeer daaruit ook maar waar mijn voorkeur voor de Beatles vandaan komt.

 

Dus je kan wel stellen dat je het qua opvoeden op muzikaal vlak helemaal goed hebt gedaan. Beter misschien zelfs. Want spijbelen heb ik nooit gedaan, niet voor een band of voor iets anders. Tsja, met een vader als conrector was dat ook gewoon heel lastig. 

 

Zullen we afspreken dat ik mijn muzieksmaak zo hou, we bij elke kans die we krijgen weer James Taylor live zullen zien, en dat jij wat ruimdenkender naar Marco Borsato gaat luisteren? Lijkt me een meer dan redelijk voorstel.

 

Liefs,

 

Je dochter met goede muzieksmaak