‘Ik zwijg over mijn familiefortuin’

 

Lisette (55) heeft sinds zeven jaar een relatie met Mark (57). Daarvoor was ze lang vrijgezel, maar dat vond ze nooit erg. Sowieso is ze altijd op zichzelf geweest, en dat heeft een reden. En die reden, daar is Mark nu achtergekomen.

 

‘Mijn ouders zijn rijk. Heel rijk. Dat waren mijn opa en oma ook, en hun ouders ook weer. Je zou kunnen zeggen dat we ‘oud geld’ hebben, maar mijn ouders hebben wel altijd ontzettend hard gewerkt in het familiebedrijf. Het geld zit aan de kant van mijn vader; hij is enig kind en heeft het bedrijf uiteindelijk van mijn opa overgenomen.

 

Zorgen over financiën hebben we dus gelukkig nooit gehad. En ook al zou ik in principe niet hoeven te werken, helemaal niet fulltime, heb ik dat wel lang gedaan. Mijn ouders stimuleerden me daarin erg, hoor: ze vonden educatie altijd erg belangrijk en vonden dat ik moest studeren. Werken in het familiebedrijf heb ik nooit als ambitie gehad en dat vonden zij ook niet erg; op papier ben ik wel aandeelhouder. 

 

Het klinkt waarschijnlijk verwend, maar op de middelbare school vond ik het vaak juist lastig dat mijn ouders zo vermogend waren. Het is hun geld en ze mogen ermee doen wat ze willen, maar mijn vader had een voorliefde voor dure auto’s, dito kleding en onze vakanties waren dan ook niet heel heel standaard – maar vooral erg luxueus. Het was geen geheim op mijn middelbare school dat ik een ‘rijkeluiskindje’ was, maar dat zorgde er niet automatisch voor dat ik veel vrienden had.

 

Integendeel zelfs. Mensen gingen er vanuit dat ik arrogant en verwend was, te lui om zelfs iets te bereiken. Allemaal belachelijke vooroordelen en ik denk inmiddels dat het vooral jaloezie was. Maar ze waren wel erg gemeen tegen me – en als ze dat niet waren, was dat meestal omdat ze iets van me wilden. Dit heeft er voor gezorgd dat ik best wel op mezelf ben geworden.

 

Tijdens mijn studie heb ik het een beetje proberen los te laten. Ik verhuisde naar een andere stad en vertelde niemand meer over mijn ouders. En dat ging eigenlijk hartstikke goed; eindelijk niet al die vooroordelen en overmatige interesse in mijn financiële situatie. Al duurde het toelaten van mensen wel een tijdje; ik had een behoorlijke muur opgebouwd dankzij mijn middelbare schoolervaring.

 

Na mijn studie heb ik nog een master gedaan in Londen, en daarna ben ik daar blijven wonen. Relaties had ik wel, maar nooit echt lang of heel serieus; ik heb maar één keer samengewoond. Totdat ik Mark ontmoette ik Londen. Liefde op het eerste gezicht. Ik had dat nog nooit meegemaakt, maar ik weet nu dat het kan. Het klikte meteen zo goed: binnen een half jaar woonden we samen.

 

Omdat we in Londen woonden, zagen we mijn ouders niet heel vaak. Ik ging meestal naar hen toe, omdat zij vanwege hun leeftijd niet meer veel wilden reizen. Mark heeft een drukke baan en ging lang niet altijd mee. Als hij wel meeging naar Nederland, zorgde ik dat hij niet achter mijn ouders’ vermogen kwam. Achteraf weet ik niet zo goed waarom ik daar zo panisch over was, ik denk dat dat zo diep in mij geworteld zit.

 

M’n vader is sinds twee jaar ziek. Kanker. Het ziet er niet goed uit, de laatste tijd is hij behoorlijk achteruit gegaan. Hier ben ik hartstikke verdrietig om. Maar ook zakelijk moeten er behoorlijk wat dingen geregeld worden. Mark ging met me mee naar Nederland om me te steunen, en toen kwam hij erachter.

 

Mijn ergste nachtmerrie kwam uit: hij werd zó kwaad. Waarom ik dit voor hem verborgen hield. Hij voelt zich bedrogen. Londen is een ontzettend dure stad en ik wilde altijd zelfvoorzienend zijn, dus we wonen niet per se heel groot. Dat we ons véél meer kunnen veroorloven, vindt hij nu een behoorlijk gemis. 

 

Hij zegt dat hij niet weet of hij me echt kan vertrouwen, omdat ik zoiets groots jarenlang voor hem heb verzwegen. Ik snap zijn gevoel; ik heb inderdaad gelogen en gezwegen. Maar nu slaat weer die twijfel toe: zal hij nu bij me blijven om mijn bankrekening, of omdat hij het me vergeeft en met míj wil zijn?’