songfestivalfeest
songfestivalfeest

Tineke is vroeger van deze les afgetrapt om deze gênante reden

 

En sindsdien heeft ze het nooit meer geleerd. Nu maar hopen dat de kleinkinderen er niet om gaan vragen

 

Picture this: Ik ben jong, slank, mooi, enthousiast, en ik zit achter een naaimachine. 

 

Is dat dan: A) Niet voor te stellen? Of: B) Heel lang geleden?

 

Wil je het weten? Beide antwoorden zijn juist! Over dat jong en mooi zijn kunnen we nog wat discussiëren, maar het tweede gedeelte is zeker waar. Heel lang geleden zat ik heus achter een naaimachine, en er is nu geen mens meer in mijn omgeving die zich daar ook maar íets bij kan voorstellen. 

 

Het was op zo’n Margriet knip- en naaicursus. Dat was toen A) heel erg hip, en B) broodnodig. Ik was namelijk zo’n kluns met naai- en verstelwerk dat ik vond dat ik maar eens op les moest. Het leek me ook wel leuk om zelf mijn kleding te kunnen maken. Dus gaf ik me op bij iemand uit de buurt die les gaf op een klein zolderkamertje. 

 

En weet je? Ik ben toen “van school gestuurd”. Erg hè?

 

Ik ging beginnen met een kokerrok, want dat is het allermakkelijkste dat je kunt maken als beginner. Eén stuk stof voor de voorkant (aan beide bovenkanten een beetje taps toelopend voor over de heupen) en twee delen voor de achterkant (die ook taps toelopen bij de heupen natuurlijk) waar in het midden (aan de rechte kant dus) een rits ingezet moest worden. 

 

Simpel toch?

 

Maar toch kreeg ik het voor elkaar om er niet uit te komen! Wat ik ook probeerde: ik kreeg die rits er niet netjes in! En wat bleek toen? Ik had het linker- en het rechter(achter)pand omgedraaid! Mijn strakke kokerrok liep dus aan de achter(zij)kanten kaarsrecht omhoog, en mijn rits probeerde ik te naaien in de V-vorm die daardoor in het midden ontstond. En ik zal je de hilariteit bij de medecursisten besparen, maar ik kan je wel verklappen dat de juf mij vriendelijk verzocht om te stoppen wegens het ontbreken van talent. 

 

En ik begreep haar wel.

 

En van zo’n type als ik vragen ze dus nu om zelf haar spullen te gaan repareren?! Want dat willen ze dus met de nieuwe campagne Waardeer het, repareer het. En ik vind dat dus echt de omgekeerde wereld.

 

‘Maak het gewoon zó dat het niet steeds kapot gaat!’, roep ik al vanaf dag één. Zodat het helemaal niet gerepareerd hóeft te worden. En daarmee doelde ik vooral op mijn Senseo-apparaat dat elk jaar vervangen moest worden (en dus nu maar is afgeschaft). 

 

En ik had gelijk! Ik lees nu precies dát in een artikel over overvolle kringloopwinkels. Sommige spullen worden zó gemaakt dat ze snel moeten worden vervangen. Ze zijn gewoon ook niet te repareren! En dat vind ik dus een kwalijke zaak. 

 

De citruspers die ik vijfendertig jaar geleden voor mijn uitzet kreeg, die doet het nog gewoon! En het elektrische mes dat ik van mijn oma erfde ook. Maar alles wat ik daarna heb aangeschaft, is al veertien keer vervangen. Dat ligt dus niet aan mij, maar aan het productieproces! En laat ze dus dáár maar eens een spotje aan gaan wijden. 

 

Want ik repareer altijd al wat ik repareren kan. Maar als het zesendertig keer eerder gerepareerd moet worden dan vroeger, belandt het (na de laatste reparatie) nóg altijd vele malen eerder op de vuilnisbelt. Ik ben dus blij dat ik eindelijk eens iets terug kan leggen. Want sommige dingen zíjn ook gewoon niet te repareren, lees ik in het stuk. Pffff…. 

 

Kan ik dat ook tegen mijn dochter zeggen als ze straks komt vragen hoe ze sokken moet stoppen? Want dat kan ik dus ook niet. Alles op knip- en naaigebied heb ik subiet laten vallen na het debacle met de kokerrok. Geen talent is geen talent, dacht ik! 

 

Hoewel me dat niet heeft weerhouden om na de eerste afwijzing van een uitgever toch door te gaan met schrijven hoor. Dus misschien moet ik dan ook maar mijn kapotte sokken in die doos met stekkertjes en onderdelen gaan gooien. 

 

Mocht ik nog kleinkinderen krijgen, dan kan ik altijd voorzichtig beginnen met een handpopje. 

 

Door: Tineke

Tineke is schrijfster van de boeken “Toch?” en “Stof Genoeg” en ze blogt ook zo nu en dan. Ze woont op het platteland met één (leuke) man, twee (lieve) kinderen, drie (onbespeelde) muziekinstrumenten, vier (wisselende) mantelzorgprojecten, een (bijna) vijfde boek, haar zesde (luie) kat, en (dus) ongeveer zeven muizen.

Fotografie: Nikita Holst

Afbeelding van Tineke