songfestivalfeest
songfestivalfeest

Thea zegt dat ze kanker heeft, maar de waarheid is anders.

 

 

Deze leugen heeft inmiddels enorme proporties aangenomen.

 

 

‘Mijn buurvrouw sloeg geschrokken haar hand voor haar mond toen ik vertelde van het knobbeltje in mijn borst. Hoewel ik te horen had gekregen dat ik me echt geen zorgen moest maken, zei ik dat niet en stelde ik haar niet gerust. Ik keek haar aan en sloeg toen mijn ogen neer. Haar arm om mijn schouder daarna voelde te fijn om haar niet in de waan te laten.’

 

‘Ik ben al jaren alleen. Niet enkel alleen, maar ook eenzaam. Met de paar familieleden die ik heb, heb ik geen contact meer, een liefdesrelatie heb ik nooit gehad en echte vrienden ook niet echt. Op een paar collega’s na, waar ik goed mee omga, is er in mijn leven niemand. Ik zou niets liever willen dan vriendinnen om mee uit eten te gaan, een man die van me houdt, kinderen, een schoonfamilie… Die arm om me heen van mijn buurvrouw was het eerste teken van genegenheid sinds ik weet niet hoe lang.’

 

‘Toen ik naar het ziekenhuis ging om de uitslag te halen, was mijn arts ongeveer enthousiaster over de positieve uitslag dan ikzelf. Ik realiseer me ten volste hoe vreselijk dit moet klinken voor alle vrouwen die geen goede uitslag krijgen. Alleen was dit doktersbezoek voor mij vooral een verkeken kans op aandacht. Toen ik die dag naar huis ging, besloot ik om mijn buurvrouw nog niet op de hoogte te stellen. Daarmee was de toon gezet.’

 

‘Een paar dagen later liep ik haar tegen het lijf en informeerde ze hoe het met me ging. Zonder na te denken zei ik dat het inderdaad kwaadaardig was helaas, dat knobbeltje in mijn borst. De tranen in haar ogen roerden me tot diep in mijn ziel. Dat er iemand was die zich mijn lot aantrok was voor mij totaal nieuw. Ik voelde me zo ontzettend rijk met haar betrokkenheid dat ik bijna vergat dat het om een leugen te doen was. Welbeschouwd wilde ik er niet eens meer over nadenken dat ik glashard stond te liegen over iets dat zo vreselijk ingrijpend is als kanker.’

 

‘Een paar dagen later loog ik op mijn werk dezelfde leugen. Met hetzelfde effect. Iedereen toonde medeleven en bood aan er voor me te zijn, me te steunen en te helpen. Soms blijf ik een dagje thuis. Om bij te komen van de bestraling zogenaamd. Dan word ik gebeld, komt de buurvrouw aankloppen om te vragen of ze iets kan betekenen en als ik weer op kantoor kom heeft iedereen een aardig woord voor me. Ik weet dat dit ziek is, maar ik kan er maar niet mee ophouden. Volgende week, neem ik me steeds voor. Volgende week vertel ik dat ik genezen verklaard ben.’

 

Thea’s naam is vanwege privacy gefingeerd. Haar echte naam is bekend bij de redactie.

 

Moet jou ook iets van het hart en wil je dat (anoniem) met ons delen? Stuur dan een mail naar info@franska.nl onder vermelding van ‘Dit moet ik even kwijt’.