Kwetsbaarheid loont. Altijd.

 

Miloe: Het zijn voornamelijk mannelijke journalisten die haar de grond in schrijven, valt me op. Dat is blijkbaar makkelijker dan aankijken wat ze onthult.

 

 

Twintig jaar ben ik al abonnee. En nooit eerder overwoog ik mijn Volkskrant-abonnement op te zeggen. Maar gister deed ik het. Ik was het zat. Dat wijzende vingertje. Het elkaar de maat nemen. Het begon met columnist Max Pam die zijn neus ophaalde voor de makkelijke bewijsvoering van schrijfster Griet op de Beeck bij ‘DWDD’. Caroline schreef er al over. Hij schermde met voorbeelden van eerdere beschuldigen van seksueel misbruik die naar boven waren gekomen. ‘Vooral reïncarnatietherapeuten en andere koekebakkers blijken er dol op te zijn om bij mensen herinneringen boven te brengen die ze nooit eerder hebben gehad’ schreef hij. De Volkskrant-hoofdredacteur deed er een paar dagen later een schepje bovenop door te stellen dat het volkomen terecht was dat deze columnist die al veertig (!) jaar kritische vragen stelde, dat ook deed als de uitkomst pijnlijk was voor een sympathieke auteur.

 

De krant had daarna nog niet genoeg van het Griet-bashen. Een Vlaamse literatuurcriticus mocht twee pagina’s lang haar boeken met veel dedain de grond in boren. Want ze had dan wel 600.000 exemplaren verkocht, die stonden ‘vol stilistische onbeholpenheden en kromme metaforiek.’ Met haar laatste boek had ze toch echt haar hand overspeeld, het zou de kloof tussen Op de Beeck-haters en liefhebbers verder vergroten. Welke kloof, vroeg ik me af. Vanwaar de behoefte om te polariseren en de wereld in te delen in mensen die van haar boeken houden en mensen die ze haten? Ik zag vooral drie mannelijke journalisten die een grote behoefte hadden om een succesvolle vrouwelijke auteur die zich ook nog eens zeer kwetsbaar durfde op te stellen, de grond in schrijven. Bij Op de Beecks optreden in ‘Zomergasten’ een jaar geleden viel me overigens ook al op dat veel mannen niets moesten hebben van haar boeken, en veel vrouwen ermee weglopen.

 

Ik hoor bij de laatste categorie. De gevoelens waar de personages in haar boeken mee worstelen, eenzaamheid, onvermogen en kwetsbaarheid, had ik jarenlang zorgvuldig onder het tapijt geveegd. Met name ‘Kom hier dat ik U kus’ raakte me diep, en gaf me het zetje om dat tapijt op te lichten, het hielp me mijn angst voor ongemakkelijke emoties kwijt te raken, onder ogen te zien waar ik bang voor was. Misschien wringt daar de schoen, krijgt ze daarom zoveel kritiek van een bepaald type mensen, lees mannen. Misschien is het veroordelen van openheid over pijn, verdriet, eenzaamheid, mislukken of worstelen, makkelijker dan die gevoelens aankijken. Misschien is dat ook de reden voor de snoeiharde kritiek op de bekentenis van Op de Beeck, kritiek die mij koude rillingen bezorgde. Het kan voor iedereen die worstelt met schaamte over zijn of haar verleden reden zijn om zich niet (meer) uit te spreken, want je zal het maar over je heen krijgen.

 

Op de Beeck was bij ‘DWDD’ kwetsbaar, velde geen oordeel, was geen slachtoffer. Dat is zoveel sterker en mooier dan elkaar de maat nemen

 

Ik geloof dat ogen durven zien wat pijn doet, bevrijdend werkt, voor jezelf en voor iedereen om je heen. Op de Beeck was bij ‘DWDD’ kwetsbaar, velde geen oordeel, was geen slachtoffer. Dat is zoveel sterker en mooier dan elkaar de maat nemen. Daarom zegde ik mijn Volkskrantabonnement op en stel ik voor dat we een bestseller maken van ‘Het beste wat we hebben’, Op de Beecks laatste boek. Zodat iedereen die worstelt ziet dat kwetsbaarheid altijd loont. En laten we haar uitspraak, die ze in de zomer van 2015, nota bene in diezelfde Volkskrant schreef, ter harte nemen. ‘Laten we stoppen met alleen maar sterk te zijn. Laten we onthouden dat we meer aankunnen dan we denken, als we het eerst maar durven toelaten.’

 

 

Griet Op de Beeck (1973) is een Vlaamse auteur en columnist. Ze debuteerde in 2013 met de roman ‘Vele hemels boven de zevende’, werd meteen genomineerd voor de AKO Literatuurprijs en won De Bronzen Uil, de prijs voor het beste Nederlandstalige literaire debuut. Voor haar tweede boek, de bestseller ‘Kom hier dat ik u kus’ uit 2014, werd zij genomineerd voor de NS Publieksprijs. De roman ‘Gij nu’ werd vorig jaar gepubliceerd. Op 25 september jl. was zij te gast bij ‘DWDD’ waar ze vertelde dat ze als jong kind misbruikt is door haar vader. Over dit onderwerp schrijft ze nu een trilogie, ‘Het beste wat we hebben’, waarvan het eerste deel binnenkort verschijnt. Op de Beeck schrijft het Boekenweekgeschenk van 2018.

 

 

  Freelance journalist Miloe van Beek is wars van mooie plaatjes, en altijd op zoek naar het echte verhaal. Ze is chronisch chaotisch, heeft geen enkel paar dezelfde sokken, maar wel twee luidruchtige kinderen, een ongehoorzame hond, twee katten en een man met een carrière.