Het is zíjn schuld!

 

Margreet heeft iets ontdekt: soms kan het namelijk geen kwaad je partner eens te beschouwen als een vriend(in) bij wie je je net een beetje beschaafder gedraagt.

 

Met vriendinnen ging ik naar een voorstelling. Althans… dat was de bedoeling. Aangekomen bleken we tien minuten te laat te zijn en mochten we er niet meer in. We waren diep teleurgesteld, met zo’n gevoel waarbij je een dader wilt aanwijzen. Dat noemen ze in de psychologie, zo hoorde ik enkele dagen later, de attributietheorie. De mensch is geneigd om al het goede wat hem overkomt aan zichzelf te ‘wijten’ en van al het slechte dat hem wedervaart een ander de schuld te geven. Als je een wedstrijd verliest, dan is dat de schuld van de scheids, win je, dan komt dat – natuurlijk – door je sublieme spel.

 

Goed, de attributietheorie dus; een natuurlijke, moeilijk te onderdrukken neiging. Toch is onderdrukken precies wat we als vriendinnen bij die gemiste voorstelling deden. Niet de schuldige zoeken, maar gezamenlijk de teleurstelling ondergaan met al z’n emoties: ongeloof-verzet-boosheid-verdriet-berusting. Die verschillende emoties doorliepen we in sneltreinvaart en binnen een kwartier maakten we grappen over onze domme actie. In minder dan twintig minuten werd ‘het drama’ omgetoverd tot een smakelijke anekdote waar we om konden lachen.

 

Ik had me subiet in de slachtofferrol gemanoeuvreerd, en hem als boosdoener aangewezen

 

En dat was best bijzonder. Want was ik met m’n partner geweest, dan had zich tussen de boosheid en het verdriet een andere emotie opgedrongen: verwijt. Ik had me in dat geval subiet in de slachtofferrol gemanoeuvreerd, waarbij partnerlief automatisch de boosdoener was geworden. Ik had hem beschuldigd van het feit dat we te laat waren, want hij ‘was natuurlijk veel te laat vertrokken’, ‘had harder moeten rijden’ en ‘had mij een beetje moeten aansporen’.

Schaamte overviel me, bij die gedachte. Want hoe vaak komt het niet voor dat ik bij een beetje tegenslag loop te mokken tegen manlief? Hoe vaak verwijt ik hem niet iets dat hij wel/niet had moeten doen? Best vaak, moet ik toegeven.

 

Daar, bij die niet gehaalde voorstelling met vriendinnen, ontdekte ik ineens dat het dus ook heel anders kan. Met een klein beetje goede wil en zelfbeheersing kun je een conflict voorkomen. Sterker, van een conflictueuze situatie kun je een harmonieus onderonsje maken dat de relatie versterkt!

Bij m’n partner ben ik geneigd de eerste emoties van teleurstelling uit te braken, maar bij die vriendinnen leerde ik dus dat je emoties in het proces kunt overslaan of kunt binnenhouden, voordat je er iets mee kapotmaakt. Met een beetje beschaving kun je een potentiële relatiebom onschadelijk maken. Het was zo’n levensles waarvoor je vrienden nodig hebt om hem te leren.

 

De week erop verheugde ik me na een middagje ploeteren op een verkoelend drankje. Bij thuiskomst bleek – teleurstelling 1 –  de koelkast leeg. Ik wende me tot m’n ‘geheime’ voorraad, niet koude drankjes. Die bleek – teleurstelling 2 – geplunderd door manlief. De ene supermarkt had m’n merk niet – teleurstelling 3 – en pas bij de volgende was het raak. In dit stadium had ik normaalgesproken al lang een app-op-hoge-poten naar hém gestuurd. Nu hield ik me even in. En, oh wonder, een kwartier later kon ik, ontdaan van alle negatieve emoties rond m’n teleurstellingen luid lachend de anekdote met manlief delen. Hij lachte smakelijk mee. We waren (weer) vrienden…

 

 

Margreet Botter woont met man en zoon in het midden van Nederland. Ze is al een leven lang bezig zichzelf en de wereld een beetje beter te begrijpen en deelt de lessen die ze opdoet graag met anderen. Al was het, zo zegt ze zelf, ‘om soms te toetsen dat ik niet helemaal gek ben…’

Fotografie portret: Esmée Franken. Visagie: Charlotte van Gulik, Haar: Isabella Greuter